Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omtrend god en goddelyke zaaken 233,

len althans tot volwasfenheid gekomen, of in den ftaat der onfterfllykheid verplaatst zyn? Hy fchonk hun den aanleg om wys, deugdzaam en gelukkig te kunnen worden, gaf daar te boven, hun niet alleen in het begin, maar ook geduurig op nieuw , en telkens gefchikt naar de maate van hunne vatbaarheid waar toe zy gevorderd waren, ten dien einde het noodige onderwys. Hoe! men prees het in leöpold, dat hy, in weerwil van zyne verhevene bediening, waar mede hy, als Hertog van Toscane, in den ftaat bekleed was, en van zyne gewigtige bezigheden daar aan verknogt, evenwel zelf zyne Kinderen onderwees , en zal het dan niet tot lof van god ftrekken, dat hy de zorg over de zedelyke belangen der Menfchen , en het noodig onderwys daar toe, benevens alle verdere befchikkingen die ten dien einde, behoudens hunne zedelyke vryheid; plaats kunnen hebben, aan zig zeiven heeft voorbehouden, en zelf zig daar fteeds mede bezig houden wil!

Of zal men hier de magt en weetenfchap van god als daar toe niet toereikend , wantrouwen ! Zal hy die het onmeetbaar Heelal, met al deszelfs talloos heir van fchepzelen een beftaan gaf, geene kennis en magt genoeg hebben, om over een maar klein gedeelte te befchikken, en hetzelve fteeds het noodig onderwys tot zyn geluk te bezorgen! Zeker zal het ook daar aan niet ontbreeken. En al is het dat de Menfchen, ten blykc van hunne zedelyke Vryheid, G g te-

Sluiten