Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BESTUUR OP ZAAKEN VAN GODSDIENST. 511

mers, toen het de teugels aanvaardde, dat het alles zou bezorgen , wat het algemeene best kan bevorderen , dat 's Volksheil zyne hoogfte wet zou wezen. Het volk gaf ook, ingewikkeld, dien lastbrief, toen het een beftuur aanftelde , ter bevordering van het algemeen geluk. Met één woord, is de Godsdienst voor den Staat voordeelig — vervalt hy zonder handhaaving, — is het beftuur verpligt alles te bezorgen, wat het algemeene best bevordert, — dan is het één zyner hoogfte pligten, voor den Godsdienst te waaken. _ Dan behoort het ook invloed te oeffenen op zaaken van den Godsdienst.

Ligtlyk ziet men, op welke grondftellingen deeze ganfche redeneering rust. Deezen ten fcherpften te toetzen, kan alleen het pleit voldingen. Kunnen zy den toets doorftaan , dan zal de beflisling ten voordeele der Vraage uitvallen. Zekerlyk, men zal dan verlegen zyn, van waar het beftuur het recht te bezorgen, om zich in Godsdienftige zaaken te mengen, een recht, waartegen reeds in het voorgaande de dugtigfte gronden zyn aangevoerd. Dan, zo ooit, hier mag dan de regel gelden Sr Volks heil de hoogfte zvet, en tot het zwaard verftrekken, om den knoop des rechts door te hakken. Want het is ontegenzeglyk , dat men , in uitgeftrekte Maatfchappyen, waar zich zoo veele ftrydige , verwarde en duistere belangen aantreffen , al veel in de beoeffening moet agterlaten, het geen in de befchouwing gepredikt

wordt,

Sluiten