Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I0O VERHANDELING OVER 's MENSCHEN

in denzelfden toeftand, ook niet had kunnen uitwerken, is geene oorzaak. Daarenboven ondervinden wy, dat fommige dingen dermaate door hunne oorzaaken voortkomen, dat wy niet kunnen nalaaten dezelven te doen; zo kan een hongerige niet nalaaten door eene wel toebereide fpyze vermaakt te worden; en terwyl hy daar door vermaakt wordt, na dezelve te haaken. Men zou dan moeten zeggen , dat wy flegts fomtyds zonder oorzaak werken kunnen. En is dit zo; dan is er eene oorzaak, waarom wy fomtyds kunnen, en fomtyds niet kunnen; of, zy is er niet. Indien zy er niet is, dan kunnen wy altyd zonder oorzaak werken; doch hier van is de ongerymdheid reeds gebleeken. Indien zy er al is, dan is zy de oorzaak, waarom wy zonder oorzaak werken. Maar nu, wy werken nooit enkelvoudig; wy doen altoos dit, of dat, op deze, of gene wyze; des er eene oorzaak wezen moet, waarom wy nu, deze zaak, op die wyze, zonder oorzaak verrigten. Van deze oorzaak derhalven hangt de ganfche werking af, en diensvolgens is zy de waare oorzaak van werken. Dus volgt hier uit, dat wy nooit zónder oorzaak werken.

Eindelyk hy, die vry werkt, befluit iets te doen; die befluit, oordeelt; die oordeelt, oordeelt uit zekere oorzaak; des alle vrye werkzaamheden noodwendig eene oorzaak hebben.

Sommigen, de ongerymdheid van zonder oorzaak iets te werken begrypende, hebben beweerd , dat er wel altyd eene oorzaak is; en dat die hier in ligt, dat

het

Sluiten