is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandelingen, raakende den natuurlyken en geopenbaarden godsdienst, uitgegeeven door Teyler's godgeleerd genootschap.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE BELANGEN DER OPENBAARINGE. 189

komfte van daaropflaande omftandigheden, in werking moesten gebragt worden: hy zal ook toeftemmen, dat dit zelfde Alvermogen, aan den geest van andere menfchen, zulk eene richting kon geeven, dat die de zedelyke waarheid, ja zelfs toekomende verwagtingen zouden ontdekken. By de verkondigers der Openbaaring kan de werkende tweede oorzaak zo diep verborgen gelegen hebben, dat zy, van de nieuw verkregene denkbeelden geen fpoor in hun eigen geest ontdekkende, dezelve aan eene onmiddelyke ingeevinge toefchreeven, fchoon alles niets meer dan ontwikkeling van -het eens beraamde plan der natuure was. — De groote hervormer boven het menfchelyke te verheffen, verwekt hier geen zwaarigheid, maar is integendeel eene zeer wysgeerige gedachte. De Oneindige befchoude de bewooners deezer aarde in verband, met het gantfche heelal. Hy kon dus een van die verhevene wezens, met welken wy in onze inbeelding de waerelden bevolken, verordenen om eenmaal de behouder van ons ftervelingen te worden; gelyk misfchien de weldenkende menfchenvriend dit toneel verlaat, om elders Gods Ryk te vestigen of uittebreiden.

'Een recht edele ziel, zich boven het gefchreeuw der driften en de betovering der zinnen verheffende, weet altoos de waarheid in haare eenvoudigheid en kracht te herkennen. Nog echter! zal voor zulk een cieraad der menfchheid, de Openbaaring dat geen blyven, 't welk de proeven voos den grootften NatuurAa 3 on-