is toegevoegd aan uw favorieten.

Verhandelingen, raakende den natuurlyken en geopenbaarden godsdienst, uitgegeeven door Teyler's godgeleerd genootschap.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

138 de dwaasheid der twyffelaary

niet het onderrigt van Je zus en zyne Apostelen aangaande de leer van God, deszelfs eigenfehappen en volmaaktheden, zyne Goedheid, Bermhartigheid, Regtvaardigheid, Almagt, Alwetendheid, in zo verre wy deeze kennis noodig hebben, om met eerbied, liefde en hoogachting jegens den Allerhoogften vervuld te worden; — aangaande de leer der Voorzienigheid, hoe zig dezelve over alles, en tot allen uitItrekt; — aangaande Gods deelneeming in het gedrag zyner redelyke Schepfelen. Geen minder duidelykheid en zekerheid ontdekken wy in de leer van eenen toekomstigen ftaat, van het algemeen oordeel over elks gedrag, en van de daarop volgende vergeldingen overeenkomstig het goede of het kwaade, 't welk in dit leven bedreeven is. Omtrend de voorfchriften en beftuuringen van onzen wandel, onze pligten jegens God, ons zeiven en onze medemenfchen is ook niet de minste duisterheid. Alle deeze zaaken worden 'er met de grootfte klaarheid voorgedraagen; zo dat wy niet kunnen twyfelen, wat hieromtrend de leer der Heilige Schrift is. Alle afzonderlyke plaatzen, alwaar van deeze zaaken gefproken wordt, zyn wel niet even duidelyk, doch zulks neemt niet weg, dat wy hieromtrend niet kunnen mistasten, indien wy op de doorgaande leer der Heilige Schrift acht geeven. Ook omtrend het beloop der Evangelifche gefchiedenis kunnen wy niet klaagen over duisterheid, ten minsten niet over duisterheid van wezenlyk belang, 't Geene 'er van Jezus geboorte, van zyne wys van

pre-