Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ÉS DE VERSTANDIGE YVER. 21

is ter zyner verantwoording overgelaaten. Egter wilde l God hem de hulpmiddelen aanwyzen ; dat zyn de Godsdienstige waarheden. — Is ieder nu niet verpligt vlytig te onderzoeken, welke waarheden op zyn gemoed den meesten indruk maaken, om daar aan te kunnen beantwoorden? Indien hy hieromtrent niet alles gedaan heeft, wat zyne vermogens konden uitwerken, handelt de Mensch dan als een verftandig weezen, het geen bewust is, dat hy zich eens zal moeten verantwoorden, en egter onverfchillig is, of zyne rekening wel dan kwaalyk uit zal koomen?

§. 12.

Om het onredelyke der onverfchilligheid nog duidelyker te gevoelen , zullen wy het onpligtmaatige derzelve met betrekking tot God, den naasten, en ons zeiven thans nog overweegen.

Met betrekking tot het eerfle: Wat naam zal men aan de onverfchilligen geeven, neemt men in aanmerking de verpligting aan God, die 'er op alle Menfchen

ligt? Is het geene ondankbaarheid de zorge door

dat Heilig weezen aan het Menschdom betoond, in den wind te flaan; zal een regtfchaapen Zoon, de tederhartige zorgen van zyn agtenswaardigen Vader, niet met dankerkentenis aanneemen? Is het geen blyk van geringe agting jegens den Allerhoogften, zyn geopenbaarden wil te verwaarloozen ? Indien fommigen zig dus mogen gedraagen, waarom zal het geheele MenschC 3 dom

Afd,

Sluiten