is toegevoegd aan uw favorieten.

Resolutien van de provisioneele representanten van het volk van Bataafsch Braband, genomen in den jaare 1795

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

11$B (238) 6 OfifeMr.-

,, goede uitwerkfelen gehad j zo als te Nu„ nen, Beek en Donk, Lieshout, Erp en ,i meer andere Plaatfen*

„ Tot onze verrigtingen behoort ook V

verleenen van permisfie, om een of an„- der permanent werk op Domeinengrond te „ ftellen; . byzonder binnen rkze Stad, als, Df by voorbeeld het maaken van uitftekken „ aan de Huizen, Stoepen, Keldermon„ den, Hekkens of Paaien, op of voor,, de Stoepen, buitenwaards Uitflaahde Deu„ren, Uithangborden, Bruggen over de. „ Rivier , e« wat van die natuur meer is; „ dit rust op den Eigendom van alle onbe-

bouwde Plaatfen, welke aan de Domei„ nen toebehoort, en waar op dus nie„ mand, zonder permisfie, iets bouwen „ mag i doch, wat de nuttigheid hier van „ betreft, kunnen wy niet anders zeggen, „ als dat hetzelve dient tot confervatie der „ Rechten van de Domeinen, dit is hetal; „ want' voor de Ingezetenen, vooral in da „ Stad, heeft dit geene nuttigheid, maar

verflrekt tot- last van dezelven, om niet

te zeggen , dat dit point altoos een twist„ appel geweest is tusfchen den Raad van

Staate en de Regeering der Stad; elk „.weet, welke twisten, de zogenaamde.

Zwymelbrug op het Hinthamereinde ,• „ veroorzaakt' heeft, en welke verwyde„ ringen hier uit, tusfchen de Magiftraat

en de Leen- en Tolkamer ontftaan zyn. , Het Volk als Eigenaar der Domaniaale

Gronden heeft 'er, behalven eene zeer „ geringe en altoos losbaare Chyns, geen „ hetminfte belang by,of iemand Paaien op „ zyn Stoep fielt, buitenwaards openflaan-

de Deuren maakt enz., terwyl toch al„ toos aan de zyde der Stads Regeeringge„ fustineerd is, dat het verzoek daar toe „ ook aan dezelve moest gedaan worden,

als aan welke het voornaamentlyk toe-

komt te beoordeelen, of het ftellen van „ dergelyke dingen eenig nadeel aan de „ breedte der Straaten of pasfage door de„ zeiven toebrenge.

„ Doch zodanig is het niet geleegen met

de Pegels en Sluizen aan de Watermo-

lens iu.de Meyerye, want deze zyn van , de uiterfte nuttigheid voor de Eigenaars

der laage Landeryen, en, vermits 'er „ veeltyds; tusfchen de Regenten der Dor„ pen en dp Molenaars verfchillen. over het

te hoogfchutten van het water ontftaan, „ is het volftrekt noodig, dat de hoogte

der Pegels en Schutberden, door eene „ andere authoriteit, dan die van de Re9) genten, gereguleerd worde, en daarom ^ gefchiedt altoos de Pegelfteeking door

den Raad en Rentmeester Generaal der ■

„ Domeinen, ten overftaan van twee Le„ den uit ons Collegie.

„ Voor het overige, om niet in alle „ geringe byzonderheden te treeden, be„ ftaan onze verrigtingen in de behande„ ling van alle domaniaale Zaaken; uit ,, dezen hoofde zyn wy Rechters, ter „ eerfte inftantie, in de verfchillen over „ de Jagt, Tollen, Houtfchatten, en an„ dere Domaniaale Gerechtigheden; voorts „ pleegen de Verpachtingen der Novaale ,, Tienden, Houtfchatten, en grooten ,, Brabandfchen Land-Tol, door de Ge„ committeerden van den Raad van Staa„ te, ten overftaan van ons Collegie, te „ gefchieden; de Verpachting der Domei„ nen - Waag en Gruit gefchiedt door den „ Raad en Rentmeester Generaal der Do„ meinen, mede ten overftaan van ons „ Collegie, en tot het doen der groote

of Revifitatiefchouw over de publieke „ Wegen en Rivieren, wanneer zulks noo* „ dig geoordeeld wordt, alsmede tot het ,, afpaalen der Limiten tusfchen twee Dor„ pen, moet de Raad en Rentmeester „ Generaal twee Leden uit ons Collegie „ asfumeeren. Ontftaat 'er deswegens „eenig verfchil, gebeurt het dikwyls, „ dat hetzelve, met toeftemming der bei„ de parthyen, en tot mebagement vaa „ kosten, door ons, de plano en buiten ,, figuur van Proces, by wyze van arbi,, trage gedecideerd wordt. Eindelyk j „ wanneer iemand wegens wanbetaaling „ van Verpondingen , Beden of gemeene „ Middelen geëxecuteerd wordt, en de „ Executiekosten meer bedraagen, dan V „ provenue der verkogte Goederen, mo„ gen die kosten niet in rekening wor,, den gebragt, zonder alvoörens by on» „ getaxeerd te zyn.

„ Wy hebben Ulieder aandagt waarlyfc „ veel gevergd, doch wy vertrouwen,,, dat Gylieden ons dit ten goede zult „ houden, uit aanmerking onzer bedoe„ lingen, ftrekkende eensdeels, om Ulie. „ den een zo veel mogelyk juist idéé van „ onze verrigtingen en byzondere werk„ zaamheden te geeven, en anderendeels, „ om te doen zien de ongegrondheid der „ aantygingen van zulken, welken zouden „ kunnen goedvinden, onze verrigtingen „ als nutteloos, en zelfs fchaadelyk voor „ het algemeen Welzyn, uit te kryten, „ en ons te doen voorkomen als Lieden, „ die, op eene despotieke wys, over de „ Meyerye heerfchten. Wy vreezen wet „ niet, dat zodanige befchuldigingen eeni-: „ gen indruk op Ulieden zouden maaken „ „ om dat dezelven al te tastbaar vakch-