Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

UÏTNEEMENDHEID. wyketfeH twyffe,moedigheid wei haa

UÏTNEEMENDHEID (Ende ik Bm ders, als ik tot u gekoomen ben, ben niet gt koomen met) van woorden, of van wys hef' ^rkondtgende het getuigenisfe Godt].7*2*

fjj \ £ JfiS ChrtllU5> e" dien gekrm

die van Ks/'/V ? 3' ?C AP°Stel had doo die:vm Chkes huisgezin gehoord, dat he

m de Gemeente te Korinth% gantsch niet we gefteld was dat fommigen^an Hem an deren aan Apollos den voorrang gaven, waai uit Amit verdeeldheeden waren gebooren Voorts, dat de Griekfche aart, die op eer vertoon van wysheid en welfpreekendhek zo zeer gezet was, hun nog al te zeer aan. kleefde, en maakte, dat zy, de hoogwich tigen inhoud van 't Euangelie niet genoeg inziende, 't voorftel 'er van te eenvouw dig agtten, en daarin wel wat meer zwier< zouden willen hebben, zonder eenstedenken, van welk eene kragt en gezeegende uitwerkinge het eenvouwdig voorftel van het Euangelie onder hen geweest was toen het hun allereerst doof SL was verkondigd geworden. Dit moesten zy zTch bmne" brengen, op dat zy van hunne verkeerdheid mogten overtuigd worden, en LfPwvi welverdiende beftraffinge van Paulus billyken mogten. (V) Om hun dat te ennneren, dient het voorfte™van den Apostel, waar m hy te kennen geeft, met welk een oogmerk hy tot hen gekoomen was,en wat en op welk eene wyzhjoS hun geleerd had, om aan dat oogmerk te voldoen. Ende lk zegt hy, dat heeft hier

eeTV,?/1^ Vnlet ^aar alleen' een Apostel des Heeren ben, maar die ook op u eene zo byzondere betrekkinge hebbe; lk, die met maaraw Leermeester ben, gelyk veele anderen; maar die uw Vair ben, dse utn C Jefus hebbe geteeld door het EuangelterC lV:li5,j Ditu geplant, die onder u het fondament gelegd hebbe, waar op anderen gebouwd hebben. CC. UI- 6 10 ï Ih wiens Leer en Leerwyze dóór Godt zo zigtbaar gezeegend is, en daarom bv u in f ZSDde ^chtenis behoorde tl Zyn.

u te hit™ F West het' §yzeIve" ^nt het u te binnen brengen, en 'er van getuigen, als ik tot u gekoomen ben, ben nietgfkoo«moTe* D? ^1 des Heereï ,L

tn*lUï Ipreekt de Eorinthers zm met den Weelendenen gelykftandigen naam

5aSrecht Euafge,isch:

UÏTNEEMENDHEID. 52r st h Euangelie verbiedt alle Meesterfchan Hyhad dm voor Mg 4 JJ5S?S I "oor*do% den toorn opryzen;

- dit wilde hy voorkoomen. Hy zou de Ko* rtnthters moeten beftraffen; zy moesten overt tuigd ftaan, dat zyne beftraffinge„ dfewaren

- van eenen getrouwen Lief hebbe,, wiensooi

- merk niet was hen te verbitterenT maar fe verbeeteren : Dat nu konde niet beSe? gefchieden, dan door eene zo vriendeilke

l aanfpraak, Broeders. Hier od SS

■ hy zyn voorftel volgen!^ ik tot ?J

zTner koTnfte^ H y le* °pen het . zyner komfte. Hy was een van Godt uit-

verkooren vat om zymn * : zo wel voor de Heidenen, als voor deKinde-

rt J^r i /3n bdde deeze Volken waren er te Korinthe; geen wonder, dat Paulus zich dan ook derwaards had begeeven , om ook daar te verkondigen het getuigenisfe Godts. Anderen begaven ziclf van wyd en zyd na Korinthe; fommigen gewis

ftïWMt-het Waseen' «nzienfykeKS* ftad; fommigen om hunne wellusten ?e boeten, want het was eene zeer deïte e Stad. De inzigten van Paulus waren veel edeler geweest; 't was hem te doen gewees om de eere van Godt en van zynef grooten Meester Jefus te verbreiden, eng om z.elen te winnen: Om te verkondigen het getuigenisfe Godts. Dat Godt de tyden'der on .

ZtfTt, r uVeTZien *ebbe"de, nu alomme allen Menfchen het verkondigen, dat Hy de Waereld zo liefhad gehad, dat Hy zynen eeniggebooren Zoon had gezonden,,J en ge-

rtfZ M r rl keVe2 Van de hTaereld, op dat de Menfchen, door zich te bekeeren tot Uodt, en te gelooven in zynen Zoon, mogten

"fTT"7eTT^e van zo"^»> ^een erfdeel'onder de Gchciligden. Ditwas het«tuigems Godts; dat te verkondigen was het oogmerk van den loop en dienst, welken Paulus van den Heere ontvangen had; naamelyk , om le hetuigen het Euangelie van Godts genade, Hand. XX: 24. ■ Gelyk hy elders had gedaan, zo was hy ook tot de Korinthiers gekoomen, om, zonder hen, beiden Jooden en Grieken te betuigen de bekeeringe tot Godt, en het geloof in onzen Heere Jefus Christus. VoortrefFelyk oogmerk ! Eenen zo grooten, aan aardfche roemzugt zo geheel verlochenden, en aan den dienst van zynen Heer zo gantsch en al overgegeevenen Apostel waerdig. (/3) Laat ons nu zien, hoe de Apostel zich in de uitvoeringe 'er van gedraagen had. Hy was niet gekoomen v- met

Sluiten