Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over Joh. V: 25.

25

zij de ftem des zoons Gods hooren, en „ leven zullen."

Welkom zij dit woord, u ouden, zwakken, zieken in dit huis; u, die het voelt, dat „ dit aardfche huis, deze zwakke hut „ haast breken zal. " Met alle hulp en geneesmiddelen waart gij niet geheel te helpen ; waren u geene jeugdige krachten weder te geven. Maar Hij wil u helpen, die zich ,, de opftanding, en het leven" noemt. Dankt Hem er voor! — O! befteedt de overige dagen van uw leven daaraan , om hem te danken, dat „ gij hebben „ zult een huis van God gebouwd, een „ huis dat niet door menfchen handen ge„ maakt is, maar eeuwig duurend is in den „ Hemel. "

Welkom ook voor u, fterken, gezonden, u bloejende Jongelingen, en maagden, zij dit woord der opftanding. Gij gevoelt het wel nog niet zoo, hoe zeer het

eene behoefte van den mensch is:

Maar ach! gij zult het fchielijk genoeg

voelen. Deze kracht zal ook u verlaten; ook op uwe wangen zuilen de roozen verwelken; ook over u zullen de dagen komen, van welke men zegt: ik heb geen B 5 lust

Sluiten