Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C m )

16 April i?43'

Misfive van den Oud Prefident Martini aan den Magiftraat der Hoofdftadt 's Hertogenbofch uit 9s Hage gefchreven

N°' Q 0+ omtrent zijn wedervaren in de onder"

O-1'* handelingen met Hun Ed: Mog: over

het Bouwen van Barakken voor hei Guarnifoen alhier 5 in dato 16 April 1743.

Rapprtloek: f8 AprvL

2743. Fok 194. :

Edele Agtbaare Heeren/

J~S"eden morgen ten tien uuren heeft <3tc.

Digt bij 12 uuren wierd ik door een Staaten-Boode verzogt bij den Raad van Staate te komen, 't geen ik ten eersten deede, ende gebragt zijnde in een vertrek vertoefde ik daar tot een uur, wanneer ik eindelijk in een ander vertrek 'gebragt wierd, daar de twee Heeren Commisfarisfen , de Heeren Tbefauritr en Secretaris waren.

Binnen gekomen zijnde, wierd ik gevraagt, of ik ook iet San de Heeren voor te dragen had, "waar op antwoorde, dat ik, ingevolge de Refolutie van de Heeren Raden van Staate, door de Magiftraat van 's Bofch, nevens den 'Penfionaris van Heurn, gecommitteert en behoorlijk gequalificeert was, om Van haar Ed: Mo: te worden gehoort en te dienen van Confideratien over het timmeren van Barakken voor 't Guarnifoen &c. Dat, vermits de indis^ pofitie van de Heer van Heurn, ik alleen hier was en nu zoude afwagten, wat haar Ed: Mo: van mij zouden gelieven te weeten.

Maar dewijl mij geordonneert wierd eerst te fpreeken, zo zeïde fia eèn prasambule, dat de Servies, of Logies, gelden voor de Militie eigentlijk nog de Stadt, nog de Burgerije raakte, doende een Narré van mijn Inftrudlie van den jge« en van de Ampliatie van den 24*- dezer, befluitende en aan de Heeren met alle befcheidentheid voordragende niet alleen de ongehoudentheid, maar ook het onvermogen van de Stadt, om 't geheel, of ten deele te helpen draageti de onkosten» zullende vallen op het timmeren van Barakken.

Den Heere Thefaurier nam daar op het woord, zeggende * dat j wat de deugdelijk* t>eid van de fchuld van de Staaten van Holland aanging, dat ze zulx geern toeftent' den, ons daar omtrent volkomen gelijk, en de Heeren Staaten voorf: ongelijk gaven s maar dat het nu de tijd niet was, om met fucces iets te tenteeren eh te obtifieren, zoo door den Raad van Staate, als van de Stadt, datze moesten bekennen , dat hec hard voor de Stadt cn voor de Burgerije was haarverfchote penningen , en zoo wettige pretenfie niet te kunnen Wederom krijgen, maar dat het 'er nu maar op aan quam, om de Burgerije te ontlasten voor het toekomende, dat den. Raad geen vermogen had, om de Staaten van Holland te doen betaalen, 't geenfe fchuldig waren, Dog dat zij bij haar zeiven een Calculatie

V V gemaak*

Sluiten