is toegevoegd aan uw favorieten.

Dagverhaal der handelingen van het provinciaal bestuur van Friesland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 867 )

uit, cn was van oordeel, dat het verzoek wel koa worden geaccordeerd. - En is conform gedisponeerd Ook bragt dezelfde Commislie rapport uit, op de misfive van het Gerechte van Oostdongeradeel, rakende de belchikking over de Kerke-dienst, welke te vooren altoos aan het Schoolambt verknolt was aeuvest, dog welke de Gemeente van Ee én Engwlerum thans voor zich reclameerde; (zie «7 Dec 1 1 ") zijnde de Commisfie van advis, dat aan het Gerechte van Oostdongeradeel behoorde te worden aangefchreYcn' Wi> ,zo° dfi Oemeentens van Ec en Engwierum de belchikking der Kerke-dienst voor hunne rekening willen neemen, dezelve als dan aan het Gerecht! moeten overlaten, om alleen over het Schoolambt te belchikken; dog dat het tractement, zoo als te vooren , bij het Schoolambt moet blijven. En is conform het prEeadvis geconcludeerd.

Wierd vervolgens ter deliberatie gebragt, eene misüve van het Gerechte van Menaldumadeel, vragende permisfie, om de generaale en particuliere Collecten, pubhek bij de minfte aanneming, ten voordeele van het Diftrict, te mogen belteden. - Waarop is befloten, den Gerechte aan te fchrijven, omme daarmede zoo lang te wagten, tot dat 'er een nieuw Gerechte zal verkooren zijn.

Nog eene misfive van het vooren gemelde Gerechte, commumceerende, dat 'er onder de penfioentrekkende Officieren één in hun Diltrict vvoonagtig is, wiens denkwijze haar onbekend is; — en is de misfive gerenvoijeerd aan de Commisfie ter nazienin* va;: de inkomende [lukken over de penfioen - lijsten.

tiet ingekomene bericht van de Commislie van Correspondentie uit Smallingerland, op den requeste van u. Lautenbach, aan wien de tap ontzegd was; (zie 24 *cbr.) is gefteld in handen van de Commisfie tot de t>!H.nenlandfichc Correspondentie, ter finaale dispofitie op liet een en ander. .Twee misfives van het Gerechte van Kollumerland < zijnde de eerfte van inhoud, dat de Burger A. Keu* mnS t»J hen tot Gerechtslid verkooren was; en de tweede de benoeming van Gerrit Posthumus tot Ge* «entshd, vragende of hij die post aanvaarden kan, Hhh a fcgé