Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X >9 X

ken, aldaar door hem is gefield geworden. Gelyk wy ook hopen U Ed. Gr. Achtb. overtuigd te hebben, dat wy in deezen te regt in ons berigt aan hun Ed. Gr. Mog. hebben gezegd, dat het misnoegen onzer Burgeren, in zoo verre het zelve ook daar uit mogte fpruiten, voorkomt uit re* denen, welke niet allezins gegrond fchynen.

Wat nu, in de derde plaats, betreft het beklag van den Heer Vroedfchap Elfevier over de vergeef* fche pogingen tot Wapening enbehoorlyk in daatftelling der Burgerye onzer Stad. Wy kunnen niet ontveinzen, Ed. Gr. Acht. Heeren, dat wy ten hoogden gevoelig zyn aan de hatelyke uitdrukkingen en infimulatien, welke zich de Memoriefchryver by deeze gelegenheid, en wel tegens de waarheid en alle welvoegelykheid aan , permitteert, en willen wel bekennen, dat wy nimmer van een Regent hadden kunnen denken; dat hy de Magidrature zyner Stad, waar van hy zelfs een Lid geweest is, op zoo een verregaande wyze zoude hebben gehoond, door haar formeel te befchuldigen, niet alleen van geen belang gedeld te hebben in de verbetering van derzelver gewapende Burgerye, maar zelfs van de poogingen van hun , die deeze verbetering trachteden te bevorderen, openlyk en heimlyk te hebben gedwarsboomd, en zulks alleen op fundament, dat de Magiftraat heeft gedifficulteerd in het befluiten tot eene zaak, die totaal renverfeert alle fchikkingen, welke federt

Sluiten