Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

X 235 X

ren Capiteinen, op den 31. December geteekend, en aen deze Vergadering voorgelezen en overgeven , en in de Notulen gebragt.

Of de Burgemeester Boogaert, en Schepen Hu* hert mede recufabel waren, heeft niet behoeven onderzocht te worden, om dat niemand zulks heeft gevergd of voorgefteld; en hoe kon zulks ook gefchieden door en tegen Mede-Leden van een Collegie, waerin de affectie van een Vader en reverentie van een Zoon niet belet heeft, dat men, het zij dan met of tegen den teneur der Privilegiën , veelvuldige maelen Vaders en Zoonen te gelijk daerin heeft geplaetst gezien.

Ook hadden de Zoon van den Burgemeester Boogaert, en de Vader van den Schepen Hubert, geen het minfte perfoneel interest in het verzoek, dat zij als Geconftitueerdèn van een aenzienlijk getal

Burgers deeden, beiden zijn zij in geene fi-

tuatie om iets te ambitioneeren, en meent men dat de Burgemeester Boogaert en Schepen Hubert, recufabel zouden zijn geweest, uit hoofde van derzelver bekende geneigdheid voor het disfolveeren van de tegenwoordige, en het creëeren eener geheele nieuwe Schutterij, dan meenen de Ondergeteekenden , dat alle de Leden van de Weth in dat geval waren , niemand uitgezonderd , dan mogelijk alleen de Heer de Mirell, die de eenige was die zich over dat poinct nooit duidelijk had uitge-

la-

Sluiten