Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ui Vaderlandsche

aanvang, dat zo wel wist te maaken, als nu. Hei is waarschijnlijk, dat de eerfte Menfchen de graancn , zonder eenige toebereiding, gcgeetcnhebben zo als zij dezeiven rijp plukten; maar dat zij, bevindende, hoe weinig die door hunne maagen verteerd werden, op den inval kwamen, onrzi of half rijp, nog zagtzijnde, teeeten, of om ze» hard zijnde, in water te weeken, tusfehen fleenen of harde houten te kneuzen, tot koekjes te maaken, en dan te bakken. Alle konflen hebben toch een begin, en zij zijn dan zeer onvolmaakt; maar door den tijd en de ondervinding leert men f en komt dan tot de volkomenheid. Ten min Ren wij ontdekken zulks bij de Wilden van America, die het meel eerst droogen, of eenvoudig geweckt ee^ ten, en anderen, die er koekjes van bakken, doch zonder gist. Die gewoonte moet zeer oud zijn: want wïj vinden, dat Abraham zijne gasten op koekjes van meel zonder gist onthaald hebbe. En in zeer laaien tijd heeft men gevonden, dat de Oosterlingen, bijzonder de Armeniërs en de Perfeu, dat nog doen. — Het is, zeide ik, niet Zeker , wie het Brood hebbe uitgevonden j ook niet, uit welke plant men eerst begonnen heeft dat voedfel te maaken. W»j vveetcn alleen , dat de oude Egyptenaars van zekere gedroogde plant, lotus genoemd, en van dcrzelver wonels, htm

meel

Sluiten