Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

518 BESCHRIJVING EENER REIZE

uitgebranden Crater, waar uit beftendig een dikke zwarte damp om hoog fteeg. Deze was de opening, die de laatfte lava-droom van 1780 gemaakt hadt. Ik naderde de opening, en bevond, dat door deze uitbarfting geen berg gevormd was (*), zo als anders gewoonlijk gefchicdt; maar dat door de hevige drukking, waar mede de vuurftof voortgeperst werdt, de aarde van eikanderen borst, cn een dal gevormd werdt, dat veertig voeten lang, ongeveer twintig voeten breed, en twaalf voeten diep is. De eigenlijke mond ligt aan het einde van dit dal, heeft ongeveer vijftien voeten middellijn , cn is van binnen met een' zwavelkorst en zwarte lava overtogen, doch die thands fpaarzaam groente doet voortfpruiten. Dc lava zelf is liog warm, en ten bewijze van het altijd nog inwendig glimmend vuur ftijgt nog, hier en daar, uit de reeds hard geworden lava, een beftendige zwavclrook om hoog'. De vuurftroom trof op zijn' weg verfcheidene dalen aan, die hij aanvulde, en rigtte zijn' loop na Patcrno, een leengoed van den Vorst van Biskari; vernielde daar eenige wijngaarden , doch rigtte 'er geene verdere verwoestingen aan. De ftroom was ongeveer honderd voeten breed, en twintig dik. Welke''eene ruimte moest het niet zijn, die door zulk een' ftof aangevuld werdt! Want ten minften vloeide zij in dezelvde breedte zes

tot

(*) Dit kan ten bewijze dienen, dat de Heer brijdone wel een weinig te overhaast zijn beOuit opmaakte, wanneer hij, terftond in het begin van de befchrijving zijner reize na den Aetna f bladz. 125], fielt, dat iedere groote uitbarfting een' nieuwen berg voortbrengt, en dat men, uit het getal dezer bergen, allerzekerst tot het getal der uitbarftingen, en den ouderdom van den Aetna beduiren kan. Niemand zal 'er wel aan twijfelen, dat men in het algemeen, uit de menigte omliggende bergen, tot den hoogen ouderdom van den Aetna beflu'tcn kan, dewijl zij allen uit vulcaan-ftoffen beftaan: maar eene berekening van het getal der uitbarftingen laat zich voorzeker daar uit niet opmaken. De Heer brijdone fchijnt wat laager [bladz. 128] zelfvan dit gevoelen te zijn, wanneer hij, bij voorbeeld, aegt; dat „ het zomtijds, „ dog zelden, gebeurt, dat de lava op eenmaal uit de zijde „ des bergs, zonder alle de gemelde omftandigheden (name,, lijk, zonder te voren een' berg gevormd te hebben) uit„ barst." Zelden? Het zou misfchien den Schrijver bezwaarlijk vallen, dit te bewijzen.

Sluiten