is toegevoegd aan uw favorieten.

Vaderlandsche bibliotheek van wetenschap, kunst en smaak.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

444

J. H. VAN DER PALM

magtigen God Monden. Het onweder wordt befchreven, opkomende uit het westen, over de Middelandfche Zee, vs. 3; het valt zwaer neder op den Libanon, vs. 5 en 6, en trekt van daer naer de Arabilche Woestijn, vs. 8, enz. Dit is de gewone weg der dnnderbuijen in het H. Land. Zie michaclis, Epim. üd Lowth. de S. P. H. p. 552.

VERTALING.

Davids Psalm.

1 Geeft Jehova, gij Edelen, Geeft Jehova eer en roem !

2 Geeft Jehova den roem zijnes naems, Aenbidt Jehova, in heilig feestgewaed !

3 Ue Hem van Jehova rolt op de wateren, He God der eere dondert!...

Jehova komt, op den grooten oceaen !

4 Jehova's (tem wordt magliger, jehova's Item wordt heerlijker!

5 'jehova's (tem verplettert cederen , Cederen Libanons verplettert Jehova:

6 Zij fprjngen op voor hem, a!s kalveren, Libanon en Sirjon als wilde (tieren !

7 De Item van Jehova fpreidt vlammende blikfemsj

8 De Item van Jehova doet dc wildernis beeven, Kades Woestijn beeft voor Jehova!

9 Jehova's (tem doet hinden baaren , En ontbladert de wouden !

Maar in zijnen Tempel Zegge alles, majesteit!

10 Jehova zit, om waterltroomen uit te gieten, 'jehova zit, als Koning in eeuwigheid!

11 "jehova geve zijnen volke luister!

jehova zegene zijn volk met vrede en welvaart!

AENTE KENINGEN.

Vs. 1. Gij Edelen, Zoonen der magtigen. Men kan het ook vertalen: Zonnen der goden, d. i. afgodendiemiers , die bij gelegenheid des onweders w irden opgewekt , om den waren God te eerbiedigen. Doch ik

ver-