Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

£4

het ridders-woord.

zijner wangen; de fterke , manlijke hand, gewoon, "om alleen lansfen, zwaarden, of bekers te houden, rolde thans het bedlaken in een. Zoo als hii lodewijk zag, die zijne oogen niet fcheen te gelooven, richtte hij zich wat van het bed op, en fprak met eene gebmken ftem dus:

Ja, ik ben het. mi,n Zoon! Ik ben de oude adam van holi neck, dien deze gantfche oord gelukkig noemde. — Ik ben het geweest. Toen de jonge leeuw afwezig was, offerde een voorbijlopende beer den ouden leeuw aan zijne woede op. — Tree nader, mijn lodewijk, hoor mijne Item voor de laatfte keer, eii luister 'er naar. Dikwijls gaaft gij haar gein or, wanneer zij u in gevechten riep , waar het wreedfte gewoel was; geef haar ook nu gehoor, daar zij u dat gebied te doen, wat pligt en natuur u bevelen.

Mijn Vader — zeide lodewijk, terwijl hij voor zijne bedfponde knielde — beveel, uw Zoon gehoorzaamt. Maar laat mij voorafweten, wat u op hef bed geworpen heeft.

Adam hernam: Mijn Zoon, de dood is in mijn gebeente, zijne vuisten dringen nader en nader na mijn hart. Binnen weinige uuren zult gij bij mijn verbleekte lijk ftaan , vruchteloos uwen Vader roepen, die zoo geheel, zoo hartlijk , uw vriend was,

Lodewijk. Kan ik dit ooit vergeten?— Maar, Vader , fpreek, wat is u gebeurd?

Adam. Ik reed gisteren ter ja«t doch , mijn

Zoon , beantwoord mij vooraf de vraag: zijt gij zegerijk terug gekomen ?

Lodewijk. Ja. — Nu , Vader, g:j reedt ter fagt•——.

Adam. Hoe veelen van uwe knechten zijn 'er gebleven ?

Lodewijk. Twee. — Nu, Vader —?

Adam. Den Hemel zij dank, die mij, in mijne laatfie uuren, nog vreugde deedt gemeten , de vreugde, van

mijnen Zoon onverwinlijk te kennen. Toen ik ter

jagt reed, ontmoette mij een Ridder , van den hoofdfcbedel tot de voetzolen geharnascht. Hij hieldt ftil, zoo als hij mijn vo'k gewaar werdt , reedt nader , en fprak: zie ik wel? zijt gij waarlijk Ridder adam van hollnrck?— Ik ben het, antwoordde ik. ,, Dan heb ik u eenige woorden alleen te zeggen — kom met mij achter deze rots,"

Sluiten