Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

35 8 Hiftorie van de Nederland]che

nou niet gedaan worden : 't welk dus een vrywillige bekentenis van zyn misdaad was. Ook vond het Hollandfche verhaal , by *t Hof van Engeland, meer geloov als dat der Engelfche Maatfchappye, zoo als men zulks by de Engelfche Schryvers(ti) van dien tyd zien kan. Egter hield den Koning van Engeland, door zyn Afgezant by de Algemeene Staten , zeer fterk aan, op de vergoeding van dit ongelyk aan zyne Onderdaanen gepleegt. Het eenigfte dat men ten nadeden deezer Regtspleeging kan zeggen, is dat onze Landvoogd van Speuld en zynen Raaden, wat al te driftig waren geweeft, in het ftraffen der fchuldigen en veel beter hadden gedaan; om dezelve gevonnift naar Batavia aan den Raad der befcherming te zenden, die dan deeze Misdadigers naar verdienften hadden kunnen ftraffen , of anders aan hunne behoorlyke Regters, zynde den Koning en het Parlement van Engeland, konde hebben overgeleevert j waar door men groote verwydering tuffchen de beide Natiën , had kunnen voorkoomen.

In Wynmaand van 't Jaar 1624 , liet den Koning van Engeland, door zyn gezant Carleton aan de Algemeene Staten verzoeken : dat men de twee geweezene Raaden van Amboina, Houtman en Laurens Maarfchalk , die als Regters over de veroordeelde Engelfchen gezeeten hadden, en in Holland vry en vrank gingen , ui Regten wilden vervolgen en des noods zoo

lange

(£) Ar!bar Wiljm , in 't leven van Jacobus de iffe , paj. 388. als meede in 't tweede deel der Hiftorie van QHgeluiid, vtrzameid iir drie Hukken in folio 1706.

Sluiten