is toegevoegd aan je favorieten.

Vaderlandsch woordenboek; oorspronklyk verzameld door Jacobus Kok, Twee-en-twintigste(-negen-en-twintigste) deel. K-M (-V).

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OLDENBARNEVELD. (JOAN van) 245"

zich ten Hove, op Zondag naamiddag, met verzoek dat aan hunnen Vader, om deszelfs ouderdom, zijn eigen huis tot eene gevangenis mogt gegeeven worden. Geen ander antwoord gaf hier op de Prins, dan dat zulks aan de Staaten Generaal ftondt; 'er nevens voegende: UW Vader zal geen leed gefchieden, niet meer dan mij zeiven. De Heeren van scuacen en van asperën , beiden befchreeven in de Ridderfchap van Holland, omtrent deezen zelfden tijd, des Advokaats ontflag zoekende, drongen door tot in de Kamer, daar hij zat, en begeerden deszelfs vrijheid. Hier uit ontftondt eenig -gerugt; waar op de Prins toefchietende , beval dat den Edelen hun geweer ontnomen, en zij in bewaaring zouden gehouden worden. Nogthans verkreegen ze, onder handtasting, hun ontflig. Verfcheiden perfoonen, om hunne voorgaande gemeenfehap met den Heer van oldenbarneveld, vertrokken thans uit 's Graavenhage.

Onder dit alles zat de Advokaat, niet fiegts zonder verhoor , maar ook zonder toegang van bloedverwanten en vrienden; eene gunst, egter, die zelden wordt geweigerd. Van dien tusfehentijd bediende zich Prins maurits, tot het maaken van veranderinge in de Regeeringe van zommige Hollandfche Steden, vooral de zulke, die onder vermoeden lagen, den . Advokaat te zijn toegedaan, en deszelfs loslaating te begeeren. De Regenten , welke thans op het kusfen kwamen, waren lieden, die, aan zijne Doorluchtigheid hunne vsrheffing fchuldig zijnde, van derzelver hand vloogen. Niet zonder merkelijke moeite gefchiedde deeze verandering ginds en elders, onder andere te Hoorn en Alkmaar, vooral ook te Amflerdam, alwaar de moedige Burgemeester cornelis Pieterszoon hooft , de wederregtelijkheid van den tegenwoordigen handel, in eene klemmende rede, hoewel vrugteloos, den Prinfe onder 't oog bragt.

Ondanks de weigeringe van toegang aan zijne Vrienden, bleef, nogthans, de Advokaat niet onkundig van 't geen bui' ten voorviel. Men gaf 'er hem, onder andere, kennis van door middel van Briefjes, hem toegezonden, omvat in dunne pennefchagten, en gedoken in fchoone Saffraanpeeren. Langs deezen weg vernam hij de buitengewoone verandering in de Rr 3 Re-