Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

RUITER, CENGEL de) enz. 231

koomen van tweeduizend Dnkaatem De tijding van het fneuvelen des Helds bekoomen hebbende, wüde zijne Majefteit dat de titel, nevens de wedde, zoude overgaan op den Zoon en deszeifs naageflagt, zo wel in de Vrouwelijke als Manlijke Linie, 'jonkheer engel aanvaardde de gunst, begeerende alleenlijk, uit zedigheid, dat de titel van Hertog in dien van Baron mogt veranderd worden. Bij deezen eere'kel, kwam, naa weinige jaaren, de Opdragt van eenen hooger Zeerang in zijn Vaderland. Zo wel uit aanmerking van 'sMans eigen verdienften, als om in hem de gedagtenis van zijnen Vader te vereeren, beüooten 's Lands Staaten hem te bevorderen tot den rang van Vice-Admiraal van Holland en PFestfrieüand. Hij ontving daar van de aanftdHng op den negentienden O'ftober des Jaars 1Ó78, onder het Edel Mogende Kollegie ter Admiraliteit te Am/herdam. Jonkheer e.\gel overleedt, weinige jaaren daar naa , ongehuwd. Thans behaagde het den Koning van Spanje, uit zonderlinge gunst, den titel van Baron, nevens de jaarlijkfche inkomst van de boven genoemde fomme, te fchenken aan eenen Zoone van den Heere joiian de witte, Kapitein van eene Kompagnie Zee-Soldaaten, gehuwd aan eene Zuster van Jonkhecre engel; welke Neef den naam van michiel de witte de ruiter hadt aangenomen. Niet lang, nogthans, hadt deeze het genot der Koninklijke goedgunlligheid, alzo hij, in den Jaare 1683, in eene fchipbreuk van eeu van 's Lands Schepen, verongelukte.

Zie gerard brandt, Leven van den Admiraal M. a. de ruiter.

Ruiter, (herman de) 'sHertogenbosfchenaar, van bedrijf een Osfenkooper, en dus niet opgeleid tot het aanvallen en bemagtigen van Sterkten en Kafteelen , ftaat , nogthans , in 's Lauds Hiftoriebladeren bekend, om eene daad, die mcenig een, in den krijg opgebragt en grijs geworden, niet zou beftaan hebben, en hem een onverganklijke vermaardheid heeft verworven. Bekend is de legging van het Slot Losvefietn, aan 't einde van den Bömmelerwaarï, ter p!aatze alwaar de Rrrr 4 Maas

Sluiten