Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

"Zeibichs Voorbeelden. §. 49- 239 vallen enz. Maar, juist deze laatfte om. Handigheid met de boeren geeft my den -fleutel tot het ganfchc geval. Want juist hieruit is te vermoeden, dat het reeds een gemeen zeggen , - een gerucht zondef hoofd , rumor fine capite, noemt het de Philofooph, - was, dat zig de Graavin in haare kamer liet zien. En wat verdigt, gelooft, en breidt het Gemeen niet uit, het welk zo groot behaagen en fmaak in »t wonderbaare heeft? Weshalvcn de Advocaat , toen hy in het eenzaamc huis ging, heel ligt gedagt zal hebben: wie weet of ik ook de Graavin niet aan haare tafel zal zien zitten , zo als hec gemeene gerugt gaat, dat ze zig, menigmaal, aan plaatzen, van waar ze afwezend is, zou laaten zien ; hoe zoude ik verfchrikken! In het opgaan kon de weerklank van zyn gaan — het welk in een onbewoond huis, en ledige kamers heel wél gefchieden kan, — daar het hem iets vremds was, ook eenige vrees verwekken, welke met de gedagten gepaard ging, dat hy de afwezende Graavin zien mogt, en deze geéagte kreeg, door zyne ongeregelde fappen

en

Sluiten