Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

4 AMSTERDAMS III.Dëeu

„ ben, agtervolgends den last van onze „ Meesters, zodanige bezwaarnisfen uic den ,^ weg te ruimen, die, federt eenigen tyd, „ de Vriendfchap hebben doen wankelen, „ en zo zeer nadeelig geweest zyn voor de principaalfte Ingezeetenen van de „ Republiek, welke, ten opzigte van hun,j, ne Negotie en Kommercie, de grootfte „ fterkte en voornaamfte Onderftanden aan „ dezelve toebrengen.

„ Wy ftellen ons vertrouwen geheel en „ al in uwer Majesteits regtvaardigheid,. „ voor welke de Republiek de grootfte „ agting heeft, mitsgaders in de Affectie, ., welke uwe Majesteit altoos aan een„ Staat belooft heeft, die in alle gelegen„ heden zig zelve beyverde deszelfs Glorie ,t te bevorderen, en welke de waarborg „ blyft van de onfchatbaare Panden, by „ eene voor uwe Majesteit zo dierbaare „ Prinfesfe nagelaaten.

„ Op deeze verzeekering {leunende, ,, durven wy ons vleyen, dat het uweMa„ jesteit goedgunftig zal behaagen, aan onze „ regtmatige verzoeken gehoor te geeven, „ en wy zullen geduurende ons Ministe„ rie, ons beyveren uwer Majesteits goed,y keuring te verdienen, en de banden van ,,; vriendfchap vaster toe te haaien , om „' de beide Natiën voor altoos te ver„ eenigen."

Zyne Majesteit beantwoordde deeze Aanfpraak in den volgenden zin.

Sluiten