Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

J2 J. VEIRAC, de Aart van den

eene befmcttende natuur, gelijk in het Negende Hoofdftuk opzetlijk moet onderzogt worden.

Ten derden. Befchouwd men den Kinkhoest, betrekiijk toe de onderwerpen, dan is hij eigenaartig eene Ziekte der kinderen, offchoon bij iedere Epidemie blijkt, dat hij ook bejaarden aantast. Onder anderen zag ik eenen zeventigjaarigen grijsaart door de toevallen van den Kinkhoest fchier geflikt. Maar gebeurd dit ook niet bij de Kinderpokjes en Mazelen ? eenige jaaren geleeden heb ik eenen man van vier en tagtig jaaren behandeld aan zeer goedaartige Kinderpokjes , welke mij ftoffe verfchaften voor eenige Inentingen, die wel geil lagd zijn. Hoe menigmaal befpeurd men de Mazelen bij menfchen van gevorderden leeftijd? Niemand echter zal deezer Ziekten eene plaat betwisten op de lijst van die der kinderen.

Des is de Kinkhoest eene Epidemieke, waarfchijnlijk befmettende Ziekte der kinderen.

Ten vierden. Geeft men acht op zijnen loop, dan is hij van eene fleepende aart; want hij begint als eene Zinkinghoest zonder eenig toeval van belang, blijft twee weeken, of daar omtrend , in dien ftaat, waar na de hoest heviger wordt , en de toevallen verzwaaren.

Dit

Sluiten