Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I8i8 NIEÖWE NEDERLANDSCHE

Arnhem.

Voorts hebben de Gecommitteerden uit het Ryk van Nymegen, Over-Betuwe en Maas en

Waal

in den jaare wanneer Nymegen aan de

Spaanfche zyde was overgegaan, de wacht van Nymegen voor zekeren tyd op 'sGravenwaerd is gelegd geworden: zynde de reden, waarom de goederen te Nymegen ingeladen, en na boven -getransporteerd wordende, op deezen Tol moeten vertold worden, daar de goederen jia beneden wordende gevoerd, in den Tol niet worden aangeflagen, te zoeken in de vroegfle tyden der eerfle ptaatziftg van de wacht der Waal aan het, Oyfche Water, doch waar van men het ptatcife moment niet weet.

Uit andere oude Charters is mede bewyslyk, dat de Landfchaps Tollen te Thiel en te Bom» mei, insgelyks uit den boezem der Keizer en gefproten, ieder op zich zeiven beftaan, en niets gemeen bebben met den grooten Gelder/dien Tol; 't geen hlyken kan daar uit, dat zedert den jaare 1572 tot den laatften January 1578, wanneer de wacht van den grooten Gelder/chen Tol te Nymegen gelegd was, ook daarenboven de Tollen, zo van Thiel ah Bommel, te Nymegen gepercipieerd wier den, by gelegenheid dat Bommel zich aan de Provincie kwam te onttrekken, en het te Thiel zo onveilig was, dat de Tollenaar aldaar op den ft room door de vyanden was opgeligt: ook daar uit, dat de gcenc, die vryheid hebben op den grooten Gelder/chen Tol, uit hoofde van, die vryheid nogthans geen .vryheid op des Landfchaps Tollen te Thiel en te Bommel mogen genieten.

De Tol, bekend onder den naam van den Meursfchen Pandtol, welke ten tyde van Hertog. Eduard te Thiel fchynt gelegd te zyn, is van de Graven van Egmond, aan welken deeze

Pand-

Sluiten