Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 23 )

Oostende binnen gekomen, 1009 Schepen, en uitgezeild 981. en te Koningsbergen 809 Schepen aangekomen, en 807 van daar vertrokken.

Ten Comptoire van de Heeren Goll en Comp te Amsterdam, is , den 12 dezer lopende Maand, ene Negotiatie geopend van 25 maal Honderd Duizend Guldens, Holl. courantgeld, tegen 1/2 pCt. 4 interest, op Hypotheecq van Weener - Bank Obligatien, voor rekening van zyne Keizerl en Apost. Majesteit. Dezelve zal voor den tyd van 8 jaar geschieden, ingaande met Primo January 1789, na verloop van welken tyd de Aflossing in vier jaarlyksche Termynen, ieder van 625000, zal plaatshebben. De Interessen zullen, jaarlyks, met 1 July, op Coupons, te Amsterdam betaald worden. — Voorts zullen de Obligatien op 15 Febr. dezes jaars in gereedheid zyn , en de Interessen van dien dag af ingaan, doch kunnen de Fournissementen ook direct op Recepissen geschieden.

Gelyktydig is mede aldaar, ten Comptoire van de Heren Jan en Carl Hasselgreen, ene Geldlening geopend, voor het Koningryk Zweden, groot Drie Millioen Guldens, Holl. Courantgeld, en wel voor den tyd van 12 jaren het eerste Millioen, het twede voor 13 en het derde of laatste Millioen voor 14 jaren, aanvang nemende 1 January 1789, tegen den Interest van 5 p. Ct., in 't jaar, betaalbaar op Coupons, alle zes Maanden, den 1 July en 1 January,

ten Comptoire voornoemd. Zynde, behalven de

Kroon- en Ryks inkomsten, inzonderheid hier voor verbonden alle de in- en uitgaande Tolbelastingen; gelyk mede aan genoemde Heren, tot meerder zekerheid, in handen gesteld is f 3000,000:- Holl. Cour. Capitaal aan Obligatien, gepasseerd door het Zweedsche Ryks- Staats Comptoir, op order ven ingevolge de originele getekende Koninglyke Obligatien, mede onder hun Ed. berustende.

Specificatie van Goederen, in 1788, zo te Water als te Land in Koningsbergen ingekoomen.

Aluin 79970 sg. Amomizaad 34241 sg. Amandelen 59013 sg. Blaauwzel 2340 Azyn (Wyn) 336 Oxh. Blik 404 Centn. Brazieliënhout 126902 sg. Boomöly 88 Pypen. Foely 238 sg. Gember 41251 sg. Haring (Hollandsche) 321 Tonn. Noordsche en Deensche dito 27771 Tonn. Indigo 24238 sg. Kalk 1006 Last 11 Ton. Kaneel 1152 sg; Kardemom 153 sg. Koffybonen 302816 sg.. Koperdraad 4170 sg. Korenten 54384 sg. Krapp. 14250 sg. Laken (Hollandsch) voor 52552 Rthlr. Leder (Engelsen) 8751 sg,. Lood 212675 sg. Lootwit

27075 sg. Nagelen 485 sg. Oesters 1500 Stuks. Oranje- en Chinaasappelen 252039 Stuks. Peper 55608 sg. Pruimen (Fransche) 31136 sg. Razynen 83460 sg. Ryst 384524 sg. Saffraan 191 sg. Schroot 206580 sg. Staal 349162 sg. Syroop 229815 sg. Tabak (diverse) 877341 sg. Thee 5541 sg. Tin 44230133. Traan 1089 Tonn. Vitriool of Spaanschgroen 75779 sg. Wyn (Fransche) 12549 Oxh. dito Frontinjak en Muskaat 80 Oxh. dito Rhynen Moesel 181 Oxh. dito Spaansche 73 Pyp. dito Champagne- en Borgonje voor 20543 Rthl. Yzerdraad 94093 sg. Yzer in Staven 8415 Schipp. Zout (Fransch) 727 L. 11 Ton. Zuiker 1279540 sg.

Daarentegen zyn van daar afgescheept.

Borstels 8497 Steen. Deelen 450 Schok 30 Stuks. Erwten 140 Last 6 Sch. Garen 11154 Schok. Gerst 255 L. I Sch. Haver 6 Sch. Heede 660-27. Hennip 3463-7. Hennipöly 390 Aam. Juchten 126 St. Mout 2 L. 28 Sch. Potasch 6656 Schipp. Rogge 3899 L. 32 Sch. Talk 1724 Steen. Tarwe 2092 L. 36 Sch. Vlas 476 L. 7. Wasch 4573 StWiedasch 73 L. Zaad (Zay) in 't Voorjaar, 267 Tonn. dito in den Herfst 2153 Ton. Zaad (SlagLyn) 3827 L. 18 Sch. - dito Hennip 636 L. 8 Sch.

LETTERKUNDIGE ANEKDOTEN.

Toen in den jare 1783 , by ene Keizerl. Ukafe of Bevelschrift, de inrigting der Petersburgsche Akademie, ene zo aanmerkelyke als heilzame verandering onderging, en het bestier over dezelve aan de Vorstin van Daschkaw, geboren Gravin van Woronzow, wierd overgedragen; was 'er deze opgesteld, dat de Heer L. Euler, als oudste Medelid, dezelve invoerde. Zy haalde hem dus, in persoon, met haar rytuig af, en bragt hem naar de vergadering. In de zaal gekomen, bespeurde zy, op het ogenblik als zy zig nederzetten ging, dat Euler zig niet op de plaats bevond, welke aan zyne jaren en verdiensten paste. Om hem egter niet verlegen te maken , of de moeite te laten nemen om van 't ene einde des Tafels naar het andere by de stoelen om te lopen (*), maakte zy hem deswegens het volgend, inderdaad niet weinig vleyend, compliment: " Gy zit niet op uw stoel, Myn Heer " Euler! Doch, welke plaats gy ook moogt inne

" men

(*) De Heer Euler had het ongeluk, in zynen Ouderdom, ten blindheid te vervallen.

Sluiten