Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

GODSVRUCHT in dit LEVEN. 25

Somtyds is zyn yver door onoplettendheid, diehy had kunnen en behooren vooruitte zien en tegen te gaan, ver/lapt ; hy is zoo oplettend niet,, wel niet door kwaadwilligheid, maar om dat hy géén noodig bezef heeft van het gevaar , waar in hy daardoor koomt om te .vallen, hyis zoo naar [lig, zoo aanhoudende niet, in het gebruik der middelen , om op den duur deugdzaam te weezen ; in het onderzoek van zich zeiven , in heilige overdenkingen van zynen plicht en van de redenen die hem tot waare vroomheid dringen ; in het herhaalen van die oprechte en erniHge voorneemens om deugdzaam te wandelen ; in het overdenken , dat hy , in alle opzichten , altyd moet trachten wél te doen. Hy werkt wel, maar niet genoeg tegen zyn eigen zwak. Hy heeft dit wel niet met opzet , ofte met meêwustheid gedaan , ofte fchoon hy dagt, dat hy anders doen moest, maar hy had het kunnen en derhalven behooren te weeten. Dit en foortgelyke dingen zyn oorzaak , dat een vroom menfeh , dikmaals dan , wanneer hy misdoet , het niet met kivaadwilligheid doet , en het hem nogtans als een misdaad kan toegerekend worden , om dat het gegrond is in een voorgaande verzuim , het welke hy had kunnen en behooren voor te koomen. En het is in dien zin , dat de Heilige Schrift ook de vergeeving van de onwiliige gebreken der Godvruchtigen , en de voorfpraak van Jezus Christus aandringt , terwyl het hem gewislyk tot fchuld kan B 5 toe-

Sluiten