Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 31 5

hoe gy een ander weg ten Hemel waant gevonden te hebben; daar het geloof in Jezus egterhet alleen mogelyke middel ter zaligheid is, van 't welk gy egter fwyg.t, en niet anders dan deugt roept. Dit alles zouden zy zien en Ondervinden, en gy wilde zy zouden UilIe zyn, dat is te zeggen, zy zouden even zo flegt zyn, dan gy zyt, en u helpen de Leere der waarheid te verkeeren, de Gemeente Gods te bedroeven: neen Domine, deze onze waardige Leeraars zullen in eeuwigheid u hier in niet navolgen: zy zullen toonenmeer Eerbied voor een heiligen Eed te hebben, dan gy Dominé, welke fchandelyk durft verbreeken: Zy die altoos van ons, om dat zy de waarheid regt geleert hebben, zyn hooggefchat, zullen voljlandig blyven, in de Leere der Apostelen, en in de Gemeenfchap , en in de Broodbrekinge, en in den Gebede. Zy zullen blyven toonen, de Waarheid lief te hebben; nimmer zullen zy uwe dwaalleer rugfteunen; maar overëenkomftig de zin van Gods Woord, en de Belydenis onzer Kerke, ons altoos het Euangelium blyven verkondigen: Ook zo Dominé had gy u moeten gedragen, dan zoude ik myne Broederen, u immers hebben tegengefproken, maar u neffens haar geëerbiedigt hebben, voorenze geliefde Leeraars, voor getrouwe Godsknegten ; ja ons leren zoude, my nog myne Broederen niet te dierbaar zyn , om het des noods voor u op te offeren. — Maar wat zegt gy daar Dominé, dat zy hun verhand aan kluifters binden ; gy neemt hun dan kwalyk dat zy hun verft and gevangen nemen onder de gehoorzaamheid des Geloofs, gy keurt dan de Les van Paulus af; ei Dominé verkryg eerst het verftand van deze waardige Mannen, en oordeelt of dit regt zy.—

Maar

Sluiten