Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 34 )

Dan, wat is hier het verwyderd grooter goed?' Is het de waare, de eeuwige zaligheid ? Of is het. eénig zinnelyk goed, dat zich bepaalt tot de tegenwoordige waereld? Zo het eerfte, dan maakt. Ge, van de zaak, die tusfehen ons nog in verfchil is, een bewys voor uw gevoelen: want uwe . redenecring zal hier op uitkomen; „ dé mensch „ heeft van natuure het vermogen, om het fchoo-. „ ne, het belangryke van den waaren gods„ dienst, en des, de waare zaligheid, regt te „ kennen: derhalven kan men de reden, waarom „ de zinnelyke dingen te overraatigen, en dus, eenen. j, fchadelyken, invloed hebben, niet vinden in: „ É nig zedelyk verftands bederf." Om nu geene: andere aanmerkingen op deeze redekaveling te maaken, zeg ik alleen, dat ze van geen de minfte kragt is , zoo niet alvorens bondig bewezen zy, dat de mensch, van natuure, zulk een onbedorven verftands vermogen hebbe: maar, dat dit niet bewezen kan worden, is, gelyk ik vertrouw, uit myn eerfte antwoord overtuigend gebleken.

Zo het tweede ? zo het verwyderd grooter goed, hier van u bedoeld, eenig zinnelyk goed is, en bepaaldelyk tot de tegenwoordige waereld betrekking heeft, dan raakt uwe redeneering ons verfchil in gcenen deele. Op de vraag, „ is het „ menfchelyk verftand, in het kennen en beoor-

„ dee-

Sluiten