is toegevoegd aan uw favorieten.

Eerste antwoord van G. Bonnet, aan [...] P. van Hemert, op zyn [...] brief over de rede, en haar gezag in den godsdienst

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

C 74 )

ftand zoeken. En kan die reden iets anders zyn, dan een gebrek? en wel zulk een gebrek, 't welk niet behoort tot de natuur van onze ziel ? fchoon het in den tegenwoordigen ftaat, even gelyk meer andere gebreken, het menschdom natuurlyk is, en, wegens deszelfs gevolg, met regt den naam draagt van zedelyk bederf. Te klaarder blykt dit in menfchen , welker fnoode wanbedryven de gevolgen zyn, niet van fchielyk opkomende driften, maar van bedaarde overweeging, en langzaam genomene befluitcn: de gewetenlooze eerzuchtige , de eerlooze gierigaart, de opzettelyke bedrieger, de fchelmfche verrader, en wie niet al ? kunnen hier tot voorbeelden verftrekken.

Vraagt UWEd. verder, „ als iemand, de gen volgen van deugd en ondeugd overweegende, „ van oordeel is, dat de aangenaame gewaarwor„ dingen aan het bedryf der ondeugd verknogt, „ hem voor het tegenwoordige levendiger zullen „ aandoen, dan nog aangenaamer gewaarwordingen „ in het vooruitzicht aan de deugd vast gehegt, ,, nu doen kunnen, waarin dan de dwaalinge van „ zyn verftand ligt"? Myn Heer, zoo een dwaalt in deezen niet : de verst gevorderde in deugd moet dikwils zoo oordeelen. Hy weet zeer wel, dat de voldoening eener zondige drift hem , voor het tegenwoordige , veel levendiger zal aandoen, dan de voorftelling van eene ongelyk aangenamer gewaarwording, maar die nog toekomend is. Hier over hebben wy geen het minfte verfchil. Maar dit is de zaak. Hy , dje de aangename gewaarwordingen aan de ondeugd verknogt, daarom verkiest ,