is toegevoegd aan uw favorieten.

De welmeenende raadgeever.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 84 )

Volgends deze leere gingen onze voorvaders te werk, men predikte en leerde de menfchen, wie zij waren, hoe rampzalig door de zonde, die in de wereld is, om hen dus voor te bereiden tot de blijmare van het Eudngeli, welke bij menfchen, die hunne rampen gevoelen, meed welkom moed wezen; vervolgends verkondigden zij het Eudngeli, en fpoorden hunne hoorders aan, om dat te gelooven, ten einde dus aan het Opperwezen de eere van zijne waarheid te geven, en zich'zelven vrijmoedigheid te verkrijgen, om tot den genadetroon van den vader der

wezens te naderen. En bij zulken, die opgewekt

werden tot het geloof, werden de vermaaningen tot eenen deugdzamen wandel met vrucht bedeed, welke vermaaningen, naar het voorbeeld der apodelen, daar mede werden aangedrongen, dat al het geen iemand mogt voorwenden van zijn geloof of van zijn Chridendom, niets te beduiden hadt, zo hij voortvoer met zondigen, en ondeugden aan te houden, want dat, fchoon niemand voor God door werken der wet gerechtvaardigd kan worden, evenwel hij alleen rechtvaardig is, die de rechtvaardigheid doet-

Met den grootden zegen verkondigdep de eerde hervormers, en hunne onmidlijke navolgers dit zoo eenvouwig en klaar, als waarachtig en liefderijk Eudngeli, de noodzaaklijkheid van geloof en bekeering, als de vrucht

en het bewijs van de oprechtheid van het geloof. 3

Met blijdfchap en lud zag men, wanneer het heilig avondmaal gevierd werdt, de leden der kerk naderen, om bij die daatlijke gelegenheid hun geloof in den voor hun gedorven, maar nu verrezen, heiland te belijden, met hem gemeenfehap te oefenen, en zich tot liefde met alle hunne mede-chridenen te verbinden.

Na die ongelukkige verdeeldheden, welke in de vorige eeuw ontdonden, en eene fcheuring in het kerkgenootfchap der Hervormden te weeg brachten, begonnen fommige ijvcraars, ten einde het Remondrantendom, gelijk zij waanden, te beter te keer gaan, naauwgezetter,gemoedelijker, dus'noemden zij het, en erndiger te werk te gaan. , De leerdukken van de erfzonde, van de verdorvenheid van het menfchdom, van 's menfchen onmagt onder de heerfchappij der zonden, van de noodzaaklijkheid der wedergeboorte, werden ten krachtigden aangedrongen,

en te verre gedreeven. Wedergeboorte en bekeering

werden onderling verward, heiden in de menfchen ger

vor-