Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

( 236 )

die ik wil onderfchrijven, doch niet a's een voorwaarde, om het Euangelie te omhelzen , en tot jesus te komen, en toevlugt te nemen, terwijl ik ten fierkften verzeker uit het Euangelie, dat men dit alles buiten zig zelfs in jesus volheid moet zoeken, en daar toe nodtgt het Euangelie, doch niet die en die bevindingen voorafftellen als een voorwaarde, die ons regt zoude geven om in jesus te geloven tot zaligheid, dus dat hartveranderende genade moet gekend worden bij bevinding, en de mensch niet zoo gemaklijk moet worden nedergezet, is waar, maar ik bid u, waar zullen wij ons wenden Om hartveranderende genade te zoeken, motten wij dit nietalles buiten ons zeiven volgens onze toeftemmin,i van het woord, bij jesus zoeken; en kunnen wij ons wel veiliger verlaten dan op Gods onfeilbare verklaring in het Euangelie , dat onze vriendin zegt, dat het wonder is, dat niet regtzlnnige leeraars zig tegen zulke wijze van leeren verzetten , andwoord ik, dat de voornaamfte mannen hierin van tijd tot tijd voorgaan, en de waarheid hier van betogen, terwijl anderen, die hier van verfchillen , egter de waarheid,niet kunnen tegenfpreüen,

Mijn vriend merkt aan dat de zuivere leere van tijd tot tijd meer word beftreden, dit is waar door de vijanden van de waarheid, en het was te wenfehen , dat wij die meer met reden en daden mogten overtuigen , doch weet ik, dat men veel nadeel aan den Godsdienst toebrengt door een zoogenaamde al te ftijve en dweepagtige regtzinnigheid, waardoor men zonder dat men het merkt gronden koeftsrt, die men in andere Kerkgenootfchappein zoude verketteren, de aanmerking die gij maakt op de beftunring van den Raadgever, befchouwt gij in een verkeerd licht, want die vrouw word nitt anders, dan op ket Euangelie, dat onfeilbaar is, bemoedigd, en vertroost, maar niet op hare geftaitens bevindingen en aandoeningen, die veel al uit de gefteldheid van 't ligchaam voorkomen, die in veele zoo onderfcheiden, ja zelfs tegen malkander aanlopen , daar het Euangelie niets van leert , en ik veroordeel niet al die dingen , zo het Euangelie de grondflag en epnige regel blijft.

hij. Evenwel ik vind daar niet in van de hartverjricu.vende genade, en van de bewerking van den Heiligen Geest, waar door msn alleen tot een geloofsvsr-

trou-

Sluiten