Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

24 Verklaaring van de Handelingen

fens doet opmerken, dat Godt zelf dit door David reeds voorzegd hadt. En eindelyk in het flot van zyne redevoeringe, van vers 38 tot 42, vermaant Paulus hen, om Jesos toch voor den waaren Messias te erkennen, en aan hem te gelooven; waartoe hy hen ansgelyks door het vooruitzicht de zwaare ftraffe, die de ongeloovigen gewislykzullen moeten draagen, poogt aantefpooren.

Laat ons nu deeze redevoering ftukswyze befchou-

wen. Hy begint zyne aanfpraak met den naame,

dien de Jooden het liefst hoorden. Gy Israëliten , zege hy, gy kinderen van Israël. Dan dewyl onder zyne toehoorers zich ook bekeerde Heidenen bevonden, noemt hy deeze, de Godvreezenden. Deeze benaaming, die, gelyk Lightfoot toont, by de Jooden gebruiklyk was, doelt op hunne voorgaande veelgoderye. Paulus wil dan zeggen: gy, die niet meer veeIe Goden, gelyk te vooren, maar Hem, die alleen Godt is, dient. Hy geeft hun deezen eernaam vers 26 noch éénmaal , sen Lukas noemt hen vers 43 «rt/3.,«£»ous, het welk kap. XVII: 17 cn XV1II: 7 wederom gefchiedt.

vers 17. De Godt van dit Volk Israël heeft onze vaderen verkeoren, en het Volk verhoogd, toen het in Mgypten woonde, en met eenen Jlerken arm uit dat land ge-, voerd. De verhooging van het volk van Israël wordt tegen de nederigheid van hunnen toefland overgeheld. De Israë'iten werden in iEgypten door de dwinglandye der Koningen op het diepiï vernederd, en het jok der drukkendfte flaavernye lag op hunne fchouderen, Maar Godt verhoogde dit volk, voor zoo. verre hy den iEgyptenaaren door gtoote en menigvuldige wonderwerken toonde, dat het zyn volk, het volk van zyn eigendom was , onder het wglk hy zich op eene byzondere wyze openbaarde, en waaraan hy meer gunff, betoonde, en grootere weldaaden fchonk, dan aan alle andere volken der aarde. Van deèze manier van fpreeken bedient David zich veelmaalen: men zie Ps.

IX;

Sluiten