is toegevoegd aan uw favorieten.

Verklaaring over het Nieuwe Testament.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

der Apoflelen. Hoofdft. XIV: n, ia. 89

yan dit byvoegfel beweezen , om dat Petros , kart. IX: 40 insgelyks de verftorvc Tabitha alleenlyk met deeze woorden opwekte: Tabitha, Jta op. Beide Apoftelen deeden hun wonderwerk in den naame en door de kracht van Christus. Dit witten de omftanders uit de predikatiën, die zy te vooren gehpu. den hadden; en dus was het niet volttrekt npodzaaklyk, 'er dit telkens met uitdruklyke woordeu by te voegen,

vers 11, 12. Toen nu bet volk zag, wat Paulus ge. daan hadt, verbef te bet zyne ftemme, en zy fpraken in het Lycaonifcb: de Goden hebben menfcblyke gedaantens aangenomen, en zyn tot ons nedergedaald.. En Barnabas noemden zy Jupiter, maar Paulus Mercurius, dewyl deeze voornaamlyk het woord voerde. Al hec volk te Lyftra, erkende deeze daad van Paulus voor zulk een groot wonderwerk, dat zy het alleen aan Jupiter , dien zy, a!s den Opperften Godt, den almachtigen noemden , meenden te kunnen toefchryven. Ja zy geloofden zelfs, dat Jupiter (t) in eene menfchlyke gedaante van den Hemel was nedergedaald, en, volgens zyne gewoonte, Mercurius hadt medegebracht. Jupiter bue (fchryft Ovidius, Metam. VII1, 629) fpecie mortalis, cumque parente venit Atlantiades, id efl, Mercurius, nepos Atlantis, gelyk Horatius hem duidelyk noemt, lib. I, Oda 10. Ik voege hier

noch

de onechtheid van dit byvoegfel noch niet: alles, wat daar uit beweezen kan worden, is, dat het voor Paulus niet noodzaaklek was, 'er dit bytevoegen,- en dus, dat men geene rede heeft, om de gewoone leezing, in dewelke dit byvoegfel niet gevonden wordt; uit dien hoofde voor onecht te houden. Vertaaler.

(f) Ovidius voert Jotiter, in zyne Metamorph. I. 212, op deeze wyze fpreekend in: fummo delabor Oiympo, fj? Deus humana lufiro fub imagine terras. (Ik daalc van den Hemel neder, en, fchoon ik een Godt ben , doorwandele ik het land in eene menfcbeJyke gedaante.)

F 5