Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ï58 Ferklaaring van den tweeden Brief

><un t« wtfiurx t£i a'rUtit, heb ik niet van woord tot woord kunnen vertaaien , dewyl dit de aart onzer taaie niet toelaat. Om het duidelyker te maaken heb ik het op deeze wyze uitgedrukt: ln dewelken, als ongeloo. vigen, de Godt deezer waereld bet verftand verblind beeft. Glassius (pag. 736) en Wolf vertaaien het ook: in quihus, nempe infideiibus, Deus bujus ftBculïïnentes ex* co?cavit. De Franfche Overzetters te Mons hebben het byna ook zoo vertaald. Grotius, zoo wel als Glassius en Wolf, noemt het eene Hebreeuwfche manier van fpreeken, en fchikt (eonjirueert) de woorden op deeze wyze: 'e» »<» <iWf-**« i ©»»j r*ï rti*

T«ti ïrv'^vn 1» auTÜv. Het WOOrd kot at Zoude

hy hebben kunnen weglaaten. —

Erasmus Schmidt vertaalt het, met den ouden Latynfchen Overzetter j nempe in infidelibus.. In den Hollandfchen Bybel en by Beausobre wordt het dus vertaald: te weeten der Ongeloovigen. Theophylac* tus vertaalt het geheel verkeerd: quibus Deus extceca* vit cogitationes ineredulorum bujus J<zculi. Mosheim is zelfs van gedachten, dat de woorden *•«» «moe. ten uitgeftreeken worden; daar dezelve nogthans ia alle Handfchriften ftaan,

E.ri<pxusi t£ \einxxa. rSv uTi'rt», by (de Düive\)beeft let verftvnd der Ongeloovigen verblind. Dit *■« moet vertaald worden, bet verftand, hebben wv kap. IJl: 14 gezien. Beza is van gedachten , dat Paulus inzonderheid van de ongeloovige Jooden fpreekt. Dan hy fpreekt van alle ongeloovigen, zoo wel Heidenen als Jooden.

Elf tï pti uvydfitj ivtcli rc» <purio-p.li vcv 'EvxyysXtoo s

iat bun bet Hebt des Evangeliums niet fibyne, of, niet kan febynen. Beza leest t «vyelrm »irêv(. Dan deeze leezing vindt men nergens, en wordt daarom met rechtverworpen. Daarentegen leest men in zeer veele Handfchriften dvr,lc. Ook kan dit woord niet uitgelaaten worden; en het ftaat ook in de Oude Latynfche Cverzetcinge.- ut non fnlgeat eis. Erasmus heeft het vertaald \ ne illucesceret Mis ~«— Pasor : ■ ne illuce-

fm

Sluiten