Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Onze Staat ftond derbalven op geen gunftigen voet aan het Hof van Engeland, toen de Munfterfche vrede geflooten weid; en waarfchynelyk zoude hetzelve zyn ongenoegen fterker getoond hebben, was 'er geene geduurige oneenigheid ontftaan, tutfchen de Koningen van Engeland en de Parlementen , welken aan den eerften de moogelykheid benamen om iet te kunnen uitvoeren. Doch deeze binnenlandfche onlusten in Engeland gaven, door haar gevolg, ook aanleiding, dat de onenigheeden tusfchen ons en de Engelfchen vermeerderden; daar fommigen even zoo fterk aan den kant van 't Parlement neigden, als anderen aan dien van den Koning.

Door deezen toeftand van zaaken tusfchen ons aan de eene zyde, en de Franfche en Engelfche Hoven, aan de andere zyde, fcheen de Republiek al in een redelyken hagchelyken ftaat gebragt te zyn; vermits dezelve op haare twee oude bondgenooten niet meerder kunnende tellen, weinig anders dan op haar eigen vermogen konde vertrouwen.

Dus is het, myn Vriend! gelegen met den gang of loop van onze betrekkingen tot Frankryk en Engeland, zedert dat wy tegen Philip den II- de wapenen hebben opgevat , tot op den vrede van Munfter; en dezelve is, zoo 't my voorkomt, wel waardig dat wy dien naauwkeurig gade flaan en overweegen, wanneer wy over onze belangens met die twee Kroonen willen handelen en oordeelen; en inzonderheid wanneer wy willen GJ4 keren

Sluiten