Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over JOSEPH,

29

wie hij was, enGode alleen zijne lotbeftuuring coefchreef, zal hij ons leeren, nooit te vergeten , dat wij dof en asch zijn, wien de zonde alleen van her overige nietige fchepzel onderfcheidt, en dat het glinsterend aanzien , 't welk ons omringt, ons even min ten jongden dage zal verheffen boven onze broederen, wien een andere proeffraat ten deel viel, als de glimworm, die bij nacht zich kennelijk maakt, in het daglicht van het overige gewormte onderfcheiden wordt. — Zijn rustlooze ijver, om 't gezag, aan hem verleend, ten algemeenen welzijn aan te wenden, moet dan ten prikkel ftrekken, om alle gaven, waar mede God ons rijk bedeelt, ten algemeenen nutte om te zetten; daar toch het graf gereed is, om ons leeven te verflinden, en 't goede dagwerk alleen ons niet zal ledig laten, wanneer de geheele aarde ons ontzinkt. —- Zijne, zoo opmerklijke, benoeming zijner Kinderen zal ons tot eene zorgvuldiger opvoeding van ons kroost in de vreeze Gods aanfpooren, naar gelang derzelver fchijnbaar gelukkiger leevensftand hun in zwaarer verzoeking brengen kan, om hunnen Schepper of om hunne medefchepzelen voor bij te zien. De vergelding van zijne trouw en deugd en lijden, door het heerlijkst loon, 't welk deze aarde fchenken kan, zal ons eindelijk, in welken

haat

Sluiten