Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over J O S E P H.

235

tot aan mijne, grijsheid toe, van den Algoedcn ontvangen heb. Wat al behoeften van mijn ligchaam en mijnen geest heeft God niet vaderlijk vervuld? - Wat al bronnen van nuttige werkzaamheid , van vreugde en vermaak in het huislijke en gezellige leeven voor mij geopend? — Hoe veele ondernemingen heeft Hij mij niet gelukken , hoe veel goeds mij doen en genieten laten, Ja, hoe veele zegeningen genoot ik niet, welken ik mij niet had voorgelleld, welken ik. mij niet kon voorftellen, zoo min, als jakob verwachtede, dat hij immer zijnen joseph zou wederzien? — In welke Schooien van wijsheid en deugd heeft God mij niet geleid? — Hoe veele gevaaren heeft Hij van mij niet afgewend, uit hoe menigen nood gered? Ja, „het is God, zult gij zeggen , die mij gevoed heeft van dat ik was tot op dezen dag , het is God, die mij van allen kwaad verlost heeft (1) "!

Le-

(1) Hoe dikwijls hoorde ik dergelijke betuigingen niet uit uwen mond , Hoogbejaarde Achtenswaardige S M.? Hoe menigmaal troffen

en ontzetteden mij niet uwe , op ondervinding gegronde , aanwijzingen en verzekeringen eener Wijze en Goede Voorzienigheid? Ëri waart Gij bet echter piet, die, even gelijk een jakob, met zeer veele on-

hei-

Sluiten