Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VEERTIENDE HOOFDSTUK.

Een -zeldzaam voorbeeld, koe fomtijds oude bekenden zeer te onpas te voorfchijn kunnen komen.

Vermits ik nu , gelijk men uit het verhaalde weet, in 't geheel niet uitging, ook van niemand , behalven van lodewijk, bezoek ontving, befteedde ik tot mijn vermaak menig uur , om deeze mijne levensgefchiedenis, die ik reeds voorlang begonnen had, bijtefchrijven: bet verftrekte mij wezenlijk tot genoegen , wanneer ik het oog floeg op veele zeer zeldzaame bedrijven van mijn verloopen leven ; doch nimmer had ik kunnen vermoeden, dat ik juist in deezen tijd op een veel onaangenaamer wijze aan eenige van dezelven zoude herinnerd worden bet geheele beloop der zaake

beftaat in het volgende.

De Leezers zullen zig uit het Eerfte Deel mijner Gefchiedenisfe (*) wel willen te binnen brengen , dat ik weleer in Regensburg als een alchimifche Arts de menfehen naar de eeuwigheid zond , en dat ik dit ambacht in gezelfchap van eenige andere wonderdoenders waarnam : onder deezen nu was ook zekere a'd d e r h o f , een verlopen Student; deeze flechte vent had zig pp de Akademie alleen toegelegd op ledigloopen, onbefchoft-

(*)■ Zie het 8fte en pde Hoofdftuk.

Sluiten