Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3*

HET LEVEN. VAN

hansje, fchieïïjk. Zweer niet! - om god's wil , zweer toch niet! — het zal u berouwen , cn gij u de* eeuwigen vloek op den hals haaien.

wild. Neen! neen Meisje! nooit! De jongeling , die in dit oogcnblïfc vastliifc beflooten had , zijn woord te zullen houden , poogde verder de troostlooze Schoone te bevredigen , en bragt het indedaad ook zo verre , dat hij weder als voorheen zijne opwachting bij haar maaken mogt, 't welk zij, uit hoofde haarer onpasfelijkhcid , tot hiertoe'had afgeflagen.

Zo veel moeite hij zig echter geeveu mogt, om in een vrolijk oogenblik hansje tot een daeapo te beweegen, zo onverbiddelijk bevond hij haar echter; meer dan een kusch liet zij hem niet toe; 't welk voor een' overgraage maag voorzeker een zeer fchraal kostje was offchoon bij recht kwijnende en zieloverééuftemmende tederlievende beminden, bij wie, gelijk bekend is , de harten in één fmelten,. een reine ferafijnfche kusch, als het hoogde geluk en het non plus ultra der liefde opgevijzeld wordt.

Deeze platonifche liefde werd onze held, die voedzamer fpijs begeerde, welhaast moede , en alhoewel zijne gedaane .bclofV hem juist niet berouwde . reikhalsde hij echter ,

Sluiten