Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*» TWEEDE LEERREDE

fchijnen te begunftigen, en te rechtvaardigen. —De wijze wacht dan met geduld den tijd af, dat de zaak zich zelve opklaaren zal, of dat zijn voormaalig gedrag en zijne beproefde eerlijkheid, aan zijn eigen gezegde meer geloof verfchaffen kan.

Jofeph zal nu eerst door zijn gedrag , door proeven van zijne trouw en Vroomheid, de liefde en het vertrouwen van zijnen heer zich verwerven : dat zal hem zeiven meer vrijmoedigheid , dat aan zijn verhaal geloofwaardigheid bijzetten. Want een edcldenkcnde ziel ftelt zich ook niet gaarne aan een onteercnd mistrouwen bloot: zij fchaamt zich niet om een genade te bidden, vooral bij lieden, welker aanzien en magt zij voor rechtmaatig erkent; maar zij doet het ook niet, wanneer zij zich niet in het bewustzijn, dat zij deezer genade niet onwaardig zij, tot de noodige vrijmoedigheid en vertrouwen gerechtigd voelt. Even zoo, gelijk aan den anderen kant de grootmoedige , magtrger , hem wel ook te gemoet gaat, zijne bede dikwijls voorkoomt; of wanneer die met befcheidenheid voorgedraagen wordt, de fl.il verzweegene verdiende niet hoogmoedig en ondankbaar misduidt, maar dezelve gaarne gerechtigheid Iaat wedervaaren.

En ziet daar, hoe alles recht goed tot onze

hoop voor Jofeph fchijnt te fchikken. Het

fchijnt,

Sluiten