Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

23^ NAARSTIGHEID IN DEN ARBEID

vervak; onbekommerd, of het ernftige beezigheder^ zyn of niet. Verftandige Heeren en Vrouwen zullen het wel niet aan hunne bedienden goed keuren, wanneer die ten hunnen nadeele zodan'g ?ouden Willen handelen; zo dat zy hier eenen arbeid laaten liggen, en daar eenen nieuwen beginnen; dat zy niet zouden willen doen 't geen tyd, omftandigheden en piigt hun voonchryven, maar dac geene, 't welk hen juist in de harsfenen komt, en het gemakkelykfte is. Men zou de wanorde, en het daaruit voor de huishouding ontftaande nadeel te rechc gewigtig genoeg oordeelen, om zulks met ernst te beletten. Wanneer nu Heeren en Vrouwen zeiven in hun beroep wispeltuurig en veranderlyk zyn, dan moet dit noodzaakelyk nog veel fchadelyker zyn. Gemeenlyk is de wispeltuurigheid een gebrek van den jsugdelyken ouderdom , en men kan dezelve aan deezen het gemakkelykst over 't hoofd zien^ maar zy moet ook met de kindfche jaaren eindigen. Menfchen, die dezelve in eenen meer gevorderden leeftyd niet afleggen, hebben meestal zulke opvoer ders gehad, die hen in dit opzicht hebben verwaarloosd. Meenig anderszins goed mensch kan uic dien hoofde veeltyds in de waereld nergens toe komen, omdat hy dit gebrek der kindschheid nooic geheel aflegt. Lieve Ouders! neemt dit aan als eene welmeenende les. Gewent uwe kinderen vooral van de jeugd af meer en meer aan eene aanhoudende naarftigheid en tot ftandvastigheid in alle ernftige beezigheden, zo zy'eerlang nuttige menfchen en leden van het huisfelyk gezelfchap zullen wordenZy is eene van de noodzaakelykfte eigenfchappen, welke zy moeten hebben, wanneer zy f ene kpnst pf weetenfcbap leeren * en wel zodanig

iee.»

Sluiten