Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VAN DE NUTTIGHEID DER VOORGEDRAGENE LEER- 21$

gefteldheid af, dat kommer en mismoedigheid , toorn en boze lusten dikwijls alleen daer uit yoortfpruiten. Deze heerfchappij van het lichaem over de ziel ondervinden de meeste menfchen, doch niet altijd zijn de' gevolgen daer van zo zichtbaer , dat men zich tot te-< genftand genoodzaekt ziet. Meestal buigen de begeerten des lichaems de gefteldheid der ziel met een zacht geweld en verergeren haer van trap tot trap, zo dat onkundigen, die niet geleerd hebben , zich en alles, wat hen omringt, aendachtig gade te flaen, zelve niet weten , hoe zo fchielijk ene boze neiging bij hen is aengcgroeid. Is het dan niet ligt mogelijk, dat ook hij , die enigzins in de beoefening der deugd gevorderd is, alles verlieze, zoo hij, onachtzamer geworden zijnde, die eerfte en kleine bewegingen en begeerten , welke uit het lichaem voortkomen , vergeet, gade te flaen? Wat toch zal hem verhinderen , tot misdaden over te gaen , zoo zijn hart, op deze wijze voorbereid , tot enig misdrijf wordt uitgelokt door de gunstige plaets, door den tijd, of enig ander aenzoek? Hij zij dan gewaerfchuwd , die de deugd , welke hij verkregen heeft, zorgvuldig wenscht te bewaren, om, zo veel hem mooglijk is, ook dat geen, wat het lichaem werkt, fteeds naeuwkeurig in acht te nemen , en de blinde aenptikkelingen meteen in de geboorte te wederftaen en te verdrijven.

Ten derde de voorheen heerfchende en geweldige nei~ gingen der ziel, die nog niet genoeg overwonnen en verzwakt zijn, maer zomtijds trachten, den ouden invloed weder te bekomen , veroirzaken dikwijls boven verwachting zelfs bij deugdzame menfchen die voorbereiding tot wandaden en neiging tot het kwade , waer O 2 ovet'

Sluiten