Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DER WETTEN. a8i

een oogmerk, om zijne gebreken ongehinderd den ruimen teugel te vieren.

De burgerlijke beleefdheid is ten deezen opzigte beter dan de hooffche befchaafdheid. De hooffche befchaafdheid is gewoon de gebreken van anderen te vleijen, daar de burgerlijke beleefdheid ons belet, om onze gebreken te vertoonen. Deeze is een zeer goed bolwerk , 't welk de menfehen tegen clkanderen opwerpen, om voor te komen, dat de een den anderen niet bederft.

Lycurgus, wiens inftellingen zeer hard waren, Jiad deeze burgerlijke beleefdheid niet in het oog, toen hij zijne wetten op de gewoonten maakte, Hij bedoelde niets, dan dien oorlogzugtigen aart, welken hij aan zijn volk wilde inboezemen. Zodanige menfehen , welke altijd verbeteren willen, of altijd verbeterd worden , welke altijd onderwijzen willen, of altijd onderweezen worden, en even eenvoudig , als geftreng zijn, oeffenen veeleer de deugd onder eikanderen , dan ten aanzien van anderen.

§ 5 '

Z E-

XIX. BOEK. XVI.

HOOFD-» STUK.

Sluiten