Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DER WETTEN-1 23

voortbrengzelen niet verteeren, om dat bet den zodanigen aan middelen zou ontbreeken, om dezelve te koopen. Dier uit volgt dus, dat het noodzaaklijk is , dat men in zodanige landen handwerken vestigt, om de voortbrengzelen des lands, door de arbeiders, en door de handwerkers,te doen verteeren. Met één woord,in zodanige landen is het noodzaaklijk, dat zeer veele menfchen zig toeleggen, om meer voortbrengzelen van hunne landerijen te trekken, dan zij tot hun eigen gebruik nodig hebben. Om hier toe te geraaken, moet men hun aanmoedigen tot het inzamelen van overtolligheden;maar men kan niets uitdenken, 't welk die aanmoediging kan doen werken, dan een groot getal van handwerkers.

Zodanige werktuigen, welker voornaam oog merk is, om de handwerken te bekorten, zijl niet altijd nuttig. Wanneer een werk op eener zodanigen matigen prijs is,dat hetzelve nogvooi den kooper, nog voor den bewerker te lastig is, dar zouden zodanige werktuigen, waar door de be werking tot meerdere eenvoudigheid gebrag wierd, dat is te zeggen, waardoor het getal de bezige handen verminderd wierd , fchaadelijl zijn (w). Indien dus die molens, welke doo

he

O) Men moeronderfcheid maaken, tusfehen h{ geene men bewerkt om in zijn eigen, en het gee men bewerkt, om in vreemde landen te flijten. Me 1) 4 ka

XXIII.

BOEK.

XV. HOOFDSTUK.

I I

t r

r t

t 1 n I

Sluiten