is toegevoegd aan uw favorieten.

De geest der wetten.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

p8 DE GEEST

XXIV

B O E K

VIII.

HOOF I STUK

AGTSTE HOOFDSTUK.

OVER DE ZAMENSTEMM1NG TUSSCHEN DE WETTEN OP DEN GODSDIENST, EN DE WETTEN OP DE ZEEDENKUNDE.

Jn zodanige landen, waar men ongelukkig ge. noeg is van eenen Godsdienst te belijden, welke van geene Godlijke inftelling is (u) , is het <- altijd noodzaaklijk, dat men zig toelegge, om denzelven met de zeedenkunde te doen overeen" ftemmcn: om dat de Godsdienst, al is dezelve valsch, egter altijd de beste waarborg is, welke menfchen omtrent de oprechtheid van hunne medemenfchen kunnen hebben (y).

De

(«) Maar welk volk, hoe dom, hoe elendig ook deszelfs Godsdienst moge zijn, zal immer erkennen, dat de Godsdienst, welken het belijdt, van geene Godlijke oorfprong zij? Zodra zij dit gelooven, dan is het geheele gezag van hunne geestelijkheid of priesterfchaar verlooren; dan is al de invloed van den Godsdienst op hun karakter weg. Een zodanig volk, indien men zig hetzelve als aanwezend verbeelden kan, zal of den geheelen Godsdienst affcbafFen , of eenen nieuwen aanneemen , van welks hemelfchen oorfprong zij zullen ineenen overtuigd te zijn. Vertaaier.

O) Alle Godsdienst most met de zeedenkunde overheen-