is toegevoegd aan uw favorieten.

Antwoord op de vraag van Teyler's godgeleerd genootschap: Zyn 'er goede gronden, om gode hartstogten [...] toeteschryven.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

OVER DE GODDELYKE HARTSTOGTEN. 83;

Befchouwt men nu Gods plan met deeze Waereld, zo wel in dit als in het toekoomende leeven, uit zulk een oogpunt, dan ftraalt ons de kragt en nadruk met vollen luister in de oogen, van dien bemin'nelyken tytel van Vader, waaronder de Godheid ons zo menigmaalen in de gewyde blaaden wordt voorgefteld. Verklaart God zig zeiven voor den Vader der Menfchen en deiGeesten, welk een gerustftellend denkbeeld is dit niet voor alle redelyke weezens! En welk eene verkwikkende en opbeurende hoedanigheid, is zulks inzonderheid voor alle noodlydenden en ongelukkigen!

§ 152.

Is God onzer aller Vader, hoe kan het dan moogelyk zyn, dat Hy zig over het welzyn en geluk zyner kinderen niet hartelyk verheugen, en op allerlei, voor Hem gevoegelyke wyzen , daartoe niet medewerken zoude ? Hoe kan God zyne verdoolde en ongehoorzaame kinderen, dan ooit anders kaftyden en ftraffen, dan met een VaderJyk hart, en met een Vaderlyk inzrgt, om hen te verbeeteren , en voor toekomende ftruikclingen , of moedwillige afwykingen , op hunne hoede te leeren zyn?

§ 153-

Of is God flegts onze Vader voor.dit leeven, en houden wy menfchen, en andere Geesten, ten jongften dage op, zyne Schepzelen en kinderen te blyven? Immers neen! God is, en blyft onze Vader, tot in eeuwig-

L 2 heid