is toegevoegd aan uw favorieten.

Nagelaten werken.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

*745-

9.54 GESCHIEDENIS

den Husfaaren , de fteile rotzen beklauterende, het Voetvolk deezen partyganger uit zyne hinderlaag hielp verdryven. Deeze verrichting, de ftoutfte, welke paardevolk konde onderneemen, overlaadde den Heer van Malachowsky met roem. Ondertusfehen had hy, in dit gevecht, twintig man dooden , en veertig gekwetften bekomen. Het Leger kwam eerst laat in den avond in de legerplaats by Staudentz. De Heer van Lehwald bezette met zyn volk Starckftadt, en de Heer du Moulin begaf zich met zynen hoop na Trautenau, om de Geleiden te.dekken, die uit Silefien kwamen. Dus befloegen de Pruisfifchen de geheele keten van gebergten , welke zich (trekken langs de grenzen van Silefien , van Trautenau na Braunau. In dit gedeelte des lands werd de voeraadje tot op den wortel toe verteerd, en de vyand zoude niet in ftaat zyn geweest, om 'er, geduurende den winter, zich van onderhoud te verzorgen. Dit maakte eenen fluitboom, wel. ke Silefien , tot aan het naastvolgende voorjaar, beveiligde tegen alle invallen. De voeraadje werd hier , evenwel, met veel grootere bezwaarlykheid opgehaald, dan in de vlakte , door de gefteldheid van den afgebroken en moeilyken grond, welke de legerplaats omringde. Om het krygsvolk niet voor het ontvangen van eenigen hoon bloot te dellen , had men geleiden noodig van drieduizend paarden , en zeven- of achtduizend man Voetvolk om de voederhaalers te dekken : en ieder bosch ftroo kostte een gevecht. Mo-

ratz,