is toegevoegd aan je favorieten.

Jaargetyden.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i9o D E HERFST.

vreesde befchimping , welke de ftrengfte Wysgeer naauwlyks kan verfmaaden, dat hy immers zyn hart niet aan eene naleester van het veld zou wegfchenken; wanneer hy dus , in het geheim , tot zyne ziel zuchtte: „ Hoe hckiaaglyk ware bet, „ dat zulk een teder beeld , door de fchoon„ heid gevormd , cn waarin opwekkend „ vernuft en meer dan gemeene goedaar„ tigheid fchynen door te ftraalen, over„ gegceven zou worden aan dc lompe om. „ helzing van een' ruuvvcn boerenkinkel! „ My dunkt het fchynt een afftammeling „ van den ouden a c a s t o ; ten minften zy „ herinnert in myn gemoed dien Schuts.

heer van myn gelukkig leven , van wien „ myn milde fortuin haar' oirfprong nam; „ hy, die in het ftof ligt, en wiens hof „ cn landcryen cn eertyds beroemd ge.

flacht geheel verftrooid zyn. Men „ zegt dat in eenig eenzaam, donker ver. „ blyf, verre van deeze tooneelen , die „ haare betere dagen kenden, zyne oude

Weduwe en Dochter , door droevig „ herdenken en betaamlyke grootmoedig„ heid geperst, nog in leven zyn , die

„ cch-