is toegevoegd aan uw favorieten.

Julia of De nieuwe Heloïse. In brieven van twee gelieven, woonachtig in eene kleene stad aan den voet der Alpen.

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ïïo BRIEVEN van

om fmaak tc vinden in deze onbetaamüjke taal, hoe hebt gij toch konnen beiluiten u daarvan zoo zeer ten onpas te bedienen, en bij haar die u dierbaar is, eenen toon en manieren aantenernen , welke aan een man van eer zelfs onbekend moeten zijn ? Zints wanneer is het een genoegen te bedroeven de geene die men bemint; en welk een barbaarfche wellust is het, die vermaak vind in het genot der kwellingen van een ander? Ik heb niet vergeten dat ik het recht verloren heb van ontzien te worden; maar zo ik dit immer vergar, voegt het u dan mij daaraan te herinneren? Voegt het de oorzaak van mijnen misftap de fbraf er van te verzwaren? Het zou hem eerder voegen mij daarover te vertroosten. De geheele wereld heeft recht om mij te verfmaden, behalven gij. Gij zijt mij de vergoeding fchuldig van die vernedering waartoe gij mij gebracht hebt, en zoo veele traanen , over mijne zwakheid geftort , verdienden dat gij mij dezelve minder hard deedt gevoelen. ik ben noch wijsneuzig noch verwaand. Helaas! hoe ver ben ik daarvan verwijderd, ik, die niet eens wijs heb weten te zijn! Gij weet genoeg, ondankbare! of dit teder hart in ftaat zij iets aan de liefde te weigeren ? Maar hetgeen het daaraan afftaat, wil het ten minfte niet afftaan dan alleen aan haar, en gij hebt mij al te wel heure taal geleerd,om er eene in derzelver plaats te konnen ftellen, die zoo veel verfchilt, Vetongelijkingen, flagen, zouden mij minder beledigen dan

foorr.-