Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

478 O P-K O M S T E

Wy zullen onder een geruit en vrolyk zyn, Terwyl hen Princen zelfs vergapen aan den fchyn. Ik zal in uwen arm een aardig veersjen dichten: Dat zal u met vermaak tot aan den Hemel lichten, Dat zal door zoete vreugd verheffen u gemoed, Uit dezen aardfchen draf tot aan het hoogfte goed. En als dan eens den tyd u zal ten einde leiden, En dat gy met vermaak zult uit 't leven fcheiden. Dan heb ik tot myn dienft den wagen van den Faam, Die zal door al het land gaan voeren uwen naam: Die zal met zoet geluit door al de wereld rennen, En wie een menfeh gelykt die zaludeugden kennen, Soo dat na duizend jaar u graf zal zyn getoont, Soo dat na duizend jaar u graf zal zyn gekroont, Gekroontmetbloem-gewas,met duizend groene takken, Die zal de zoete Jeugd op ons gebeente fmakken, En zeggen tot het ftof: Ruft, ruf: zoete lieven, ruft, U naam zal van de dood noit werden uit gebluft. Pilaren van metaal, en hoog verheven wallen, Die mogen met 'er tyd, die moeten neder vallen: Maar wat een edel geeft de menfchen achterlaat, Dat is voor alle tyd, de wereld een cieraat. De Jonkheid die ons volgt zal uwe deugden roemen» Sal u door myn gedicht voor al gelukkig noemen: En menig aardig dier van ongeveinsden aard, Sal wenfëhen eens te zyn dat gy te vooren waard. U geeft zal onder dies tot in der hoogte zweven, Sal in een diepe vreugt en by de Goden leven: Daar zal de lauwer krans die noit verdorren kan, U zwieren om het hooft, en eieren uwen man. Daar zal het geeftig volk en al de reine zielen, U voeren door het zwerk met ongemeene wielen, En toonen in de lucht den grooten Oriön, En leiden met 'er hand de peerden van de Zon. Daar zal een helle ftraal, dienoitenzalverdwynen, Verlichten u gemoed en door u ziele fchynen; Soo dat gy kennen zult tot in den diepften grond, Dat noit een geeftig brein op aarden onder vond.

Gaat

Sluiten